Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIJFDE HOOFDSTUK.

EIGENSCHAPPEN' VAN GASSEN.

§ 215. Wet van Boyle. liet proefondervindelijk onderzoek naar de eigenschappen van gasvormige lichamen heeft in de eerste plaats ten doel, het verband te leeren kennen, dat er tusschen den druk, de temperatuur en het volume bestaat. Daarbij kan men een dezer grootheden onveranderd laten. Men kan dus nagaan, hoe bij standvastige temperatuur het volume verandert met den druk (onderzoek naar de samendrukbaarheid), hoe bij constanten druk een gas zich bij verwarming uitzet, en eindelijk hoe in een gas dat in een onveranderlijk volume is opgesloten de druk stijgt, wanneer de temperatuur verhoogd wordt. Bij dit alles is het onverschillig of men spreekt van den druk dien het gas van buiten ondervindt, of van dien, welken het zelf uitoefent (spanning).

De talrijke proeven die men ter bepaling van de samendrukbaarheid heeft genomen, hebben dit met elkaar gemeen, dat het gas in een glazen vat door een kwikmassa was afgesloten, die in het vat kon worden vooruitgedroven, hetzij door den druk eener kwikkolom, hetzij door een perspomp. Wil men het eerste middel bezigen, dan kan de toestel b.v. bestaan uit een verticaal geplaatste U-vorrnige buis met ongelijke beenen, waarvan het kortste gesloten en het andere open is. Het gas bevindt zich in het eerste been boven een in de buis gebrachte hoeveelheid kwik; door in het andere been kwik bij te gieten kan het gas worden gecomprimeerd.

Sluiten