Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Fig. 208.

weten worden afgeleid. Stel, dat het gas bij 0° den druk p0 uitoefent. Om dan den druk p, te vinden voor het geval dat bij standvastig volume de temperatuur op t° gebracht wordt, verbeelden wij ons eerst dat bij de verwarming de druk constant wordt gehouden. Het volume wordt dan \+xt maal grooter. Wij laten vervolgens de temperatuur constant en brengen door verhooging van den druk het volume tot de oorspronkelijke waarde' terug. Volgens de wet van Boyle moet daartoe de druk 1 + «t maal grooter gemaakt worden, en hadden wij aanstonds bij de verwarming den druk in deze mate doen stijgen, dan zou het volume niet veranderd zijn. Derhalve:

Pt = Po (! + * 0

Uit deze uitkomst blijkt dat men den uitzettingscoëfficient kan bepalen door proeven waarbij in het geheel geen uitzetting plaats heeft, door nl. den druk te meten, dien een opgesloten gasmassa bij verschillende temperaturen uitoefent.

Daarbij kan b.v. van den in Fig. 208 voorgestelden toestel gebruik worden gemaakt. Het gas bevindt zich in den glazen bol B, die gesmolten is aan de buis a b; deze staat door een caoutchoucbuis C in gemeenschap met een verticale buis D, die op en neer kan worden geschoven. In m b, C en D bevindt zich kwik, waardoor het gas is afgesloten, en men kan, door D op of neer te schuiven, bewerken dat telkens, zoowel bij een

lage als bij een hoogere temperatuur, het kwik reikt tot aan een vast merk m, dat op a b is aangebracht. Het hoogteverschil tusschen het kwik in ai en dat in D doet, in verband met den

Sluiten