Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

c.M. bedraagt. Neemt men de vroeger voor de snelheid opgegeven waarde in aanmerking, dan vindt men dat een molekuul per seconde ongeveer 1010 botsingen ondergaat.

Als voorbeeld van een proef over de diffusie moge een der waarnemingen van Loscümidt dienen. Twee glazen buizen, elk 48,7 c.M. lang en 2,6 c.M. in middellijn, en aan de eene zijde gesloten, werden, nadat de eene met koolzuur en de andere met waterstof gevuld was, in verticalen stand met de openingen tegen elkaar geplaatst, de buis met het koolzuur beneden. Dit laatste was noodig opdat werkelijk alleen door de molekulaire bewegingen en niet veel sneller door den invloed der zwaartekracht een vermenging zou plaats hebben. Toen na een half uur de inhoud der buizen onderzocht werd, bleek het dat slechts 37°/(l van het koolzuur in de bovenste buis was gekomen.

§ 225. Warmtegeleiding. Ook in een ruimte die geheel met hetzelfde gas gevuld is, heeft een aanhoudende vermenging der verschillende lagen plaats. Wij kunnen dat bemerken, als eerst tusschen die lagen een of ander verschil bestaat, als b.v. de bovenste een hoogere temperatuur hebben dan de onderste. De molekulen die er, ondanks de botsingen, in slagen van de bovenste helft van het vat naar de benedenste te gaan, brengen hunne snelheid mede en doen de gemiddelde snelheid beneden in het vat toenemen; boven in het vat daarentegen wordt die snelheid kleiner, daar de zooeven genoemde deeltjes hier vervangen worden door andere, die, van een plaats van lagere temperatuur komende, een kleinere snelheid hebben.

Dat nu, na eenigen tijd, niet dezelfde stof in elke helft der ruimte is als aanvankelijk, kunnen wij niet bemerken; het.eenige wat wij waarnemen is, dat de temperatuur beneden hooger en boven lager is geworden. Schijnbaar is het verschijnsel van denzelfden aard als de warmtegeleiding in een koperen staaf en men bezigt er ook denzelfden naam voor, maar in werkelijkheid zou men kunnen spreken van de diffusie van twee gasmassa's van ongelijke temperatuur. Ook deze diffusie gaat langzaam; m. a. w. de gassen zijn slechte warmtegeleiders. Hun geleidingsvermogen zou veel grooter zijn, als een molekuul niet telkens door een ander werd tegengehouden.

Sluiten