Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is /j| < p en p2 <p, terwijl ook p\ <pi moet zijn, daar ten slotte bij dezelfde temperatuur meer lucht in den ballon is dan aanvankelijk.

Zij verder de absolute temperatuur van de omgeving T. Bij de laatste toestandsverandering is de druk gedaald van p tot pi , terwijl het volume even groot is gebleven. Op het oogenblik waarop de kraan gesloten werd,

was derhalve de temperatuur T' = — T. Het resultaat van de proef is dus

Pt

dat wanneer een luchtmassa van de temperatuur T en den druk p, adiabatisch

wordt samengedrukt tot den druk p, de temperatuur stijgt tot T T.

Ditzelfde zou ook gebeuren als dezelfde drukverandering adiabatisch plaats had, terwijl de lucht zich in een cilinder onder een zuiger bevond. Men kan nu gemakkelijk uitdrukkingen vinden voor den arbeid die dan door den uitwendigen druk wordt verricht, en voor de vermeerdering der inwendige energie; door deze uitdrukkingen aan elkaar gelijk te stellen krijgt men een vergelijking, die met (10) voor de bepaling van Cv en E dient.

Onderstelt men nl. dat de hoeveelheid gas die adiabatisch wordt samengedrukt 1 gram bedraagt, en verstaat men evenals boven onder v het volume van die hoeveelheid bij 0° onder den druk p, dan is het volume vóór de adiabatische samendrukking (druk = pt, temperatuur =1)

T p rp P —- .i- v = a T — p,

273 p\ p\

en daarna ^druk = p, temperatuur = T = 1

a T— v.

Pt

De volumevermindering is dus geweest

ai)

Kpi p-2^

De druk die van buiten op den zuiger heeft moeten werken, is niet voortdurend dezelfde geweest, maar wanneer de verschillen p — p, en p—p2,en dus ook de volumeveranderingcn, zeer klein zijn, mag men hiervan afzien en den arbeid berekenen alsof de druk steeds />, had bedragen. De arbeid is dus het product van (11) met pt, d. w. z.

«TPfl-«0». (12)

V Pi

Wat de inwendige energie betreft, moet men bedenken dat de vermeerdering daarvan door de temperatuurverhooging bepaald wordt, en als deze 1° en de hoeveelheid vau het gas 1 gram bedraagt, gelijkstaat met calorieën, dus met E Cv arbeidseenheden. Bij de proef die wij beschouwen, is de

temperatuurverhooging T-T - T (£ - 1 ). dus de vermeerdering der

inwendige energie Ec„T(£-l). Door dit aan (12) gelijk te stellen vindt men

Sluiten