Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZEVENDE HOOFDSTUK.

EIGENSCHAPPEN VAN VASTE LICHAMEN.

§ 254. Uitrekking en sanieuclrukkiug van vaste lichamen.

Terwijl in het derde hoofdstak werd afgezien van de wijzigingen die de grootte en de gedaante der vaste lichamen kunnen ondergaan, zullen wij die nu opzettelijk bespreken. Daarbij zullen wij van de denkbeelden der molekulaire theorie in mindere mate gebruik maken dan bij de behandeling der gasvormige lichamen. Men kan zich voorstellen dat een vast lichaam uit kleine deeltjes is samengesteld, die onder den invloed der krachten die zij op elkaar uitoefenen, om bepaalde evenwichtsstanden heen- en weergaan, met snelheden die des te grooter zijn naarmate de temperatuur hooger is. Maar veel verder dan tot zulk een algemeen beeld van de verschijnselen heeft men het nog niet gebracht.

De eenvoudigste vormverandering (deformatie) die wij te beschouwen hebben, is de lengtevermeerdering (dilatatie) van een staaf door twee gelijke krachten die op de uiteinden in de richting der lengte werken, of, wat op hetzelfde neerkomt, door een kracht op het eene uiteinde, wanneer het andere is vastgeklemd. Wij weten reeds dat dan aan elke doorsnede een spanning bestaat, gelijk aan ieder van die krachten (§ 168, b). Wat verder de uitrekking betreft, deze is gebleken bij niet al te groote krachten evenredig met deze te zijn; bovendien hangt zij van de lengte en de doorsnede en van den aard der stof af. Zij is met de lengte rechtstreeks en met

Sluiten