Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maximum van spanning (§ 272) gaven, onderstelden wij stilzwijgend dat het oppervlak der vloeistof plat of weinig gekromd is. In dit geval bedraagt bij 100° C. bet maximum van spanning van waterdamp 76 c.M. kwik. Verbeelden wij ons nu dat men waterdamp van 100° nog iets verder dan tot die spanning beeft samengedrukt, dat b.v. de druk 76,1 c.M. bedraagt, en nemen wij aan dat door een of andere oorzaak in dien damp een waterbolletje van b.v. 0,00001 c.M. straal gevormd was. Blijkens het bovenstaande zou de evenwiclitsspanning aan het oppervlak van dit bolletje bedragen 76,6 c.M., en daar dit meer is dan ' de spanning die de damp werkelijk heeft, zal het bolletje verdampen. Nog kleinere bolletjes zouden dit eveneens doen. Het is echter duidelijk dat, als zulke kleine druppeltjes aanstonds weer zouden verdampen, zij niet zullen ontstaan. Derhalve zal de vorming van druppeltjes, d. w. z. van een nevel, niet plaats hebben, al is de druk van den waterdamp boven het gewone maximum van spanning.

Wel wordt de damp onder deze omstandigheden gecondenseerd als hij met een plat of weinig gebogen watervlak, dus b.v. met een natte glasplaat, in aanraking is. Eveneens kan liij zich op een droge plaat verdichten, daarin geholpen door de aantrekkende krachten die van het glas uitgaan. Ook kleine in den damp zwevende stofjes, en andere deeltjes, waarover wij naderhand zullen spreken, kunnen de kernen van een condensatie worden. Men heeft aangetoond dat de damp zich niet tot een nevel verdicht als de lucht vrij is van zulke kernen. \\ ij vermelden hierbij dat, als men de lucht door een prop watten laat stroomen, het stof daardoor wordt teruggehouden.

Een damp die een grootere spanning heeft dan het gewone maximum, wordt wel eens oververzadigd genoemd, zoodat men dan van onverzadigden, verzadigden en oververzadigden damp spreekt. Men meene evenwel niet dat er in het wezen van den oververzadigden damp iets bijzonders is, waardoor hij zich van den verzadigden of nog meer verdunden onderscheidt. Een verschil tusschen deze gevallen wordt eerst waargenomen als de damp met vloeistof in aanraking komt.

^ 291. Vertraging van liet koken. Uit den invloed der krom-

Sluiten