Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In de gelofte-signaten en in de gerichtssignaten compareeren inwoners van Tiel, zoowel voor de schepenbank van daar, als voor die van Zandwijk en omgekeerd, zoodat het blijkbaar onverschillig was of b. v. een burger van Tiel voor het gericht van Zandwijk, of voor dat van Tiel kwam.

§ 4. Hoewel de dorpen in de Betuwe geen burgemeesters en schepenen kenden, en hoewei Zandwijk steeds als dorp betiteld werd, had het een eigen regeering.

De regeering bestond er uit 2 burgemeesters en schepenen, welke door den richter van Tiel aangesteld

werden.

De richter was verplicht zes van de negen regeeringsleden van Zandwijk, uit de magistraat van Tiel te kiezen.

De richter van Tiel was ook richter van Zandwijk; terwijl ook het gericht van Tiel en dat van Zandwijk

denzelfden secretaris hadden.

De schepenen van Zandwijk waren tevens heemraden

over den Zandwijkschen dijk.

In 1798 werd Zandwijk in alle opzichten, zoowel po itieke, als justiciëele, met Tiel vereenigd.

§ 5. In de dorpen van de Neder-Betuwe (Zoelen, Ave-

zaath, Kesteren, etc.) waren vroeger Gerechten van eersten

aanleg. Deze bestonden uit een Richter en de Gerichtsheden.

Tot Gerichtslieden koos de richter de voornaamsten der geërfden in Neder-Betuwe, in de eerste plaats hen, die konden zegelen. Gewoonlijk traden adellijken als gerichtsman op.

§ 6. Eigen-geërfden in Neder-Betuwe waren die personen, welke van vader op zoon, gewoonlijk sedert onheuchelijké tijden, beërfd waren met eigen landgoederen in die streek, en mogelijk de oorspronkelijke bewoners van de Neder-Betuwe hebben uitgemaakt.

Sluiten