is toegevoegd aan uw favorieten.

De Honte en het eiland Borssele

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

West-Borssele eene lengte had van 4117 Roeden, of van bijna 15000 Meter. Het bestuur, aan hetwelk de instandhouding van een zoo belangrijke zeewering was opgedragen, bestond uit een dijkgraaf en zes gezworenen. Zij, die voor bet laatst daaraan hunne diensten bewezen hadden, waren: Jan Leenaarts, als dijkgraaf, en Jacoh Svmons, Jacou Hijgen, Jan Corneijsse, Pieter Marinusse, Jacou Buijsse en Jan Corneus i»e Wlnter, als Gezworenen.

't Is uit alles duidelijk, dat, had het niet ontbroken aan den vereischten steun, had men een tijd beleefd als dien in onze dagen, waarin het beloop der kosten geen overwegend bezwaar oplevert, Borssele wel zou te herwinnen zijn geweest. Aan kunde, inzicht en ijver haperde het den Zeeuwen bij dergelijke aangelegenheden ook in vroegere eeuwen niet. En wat zij eenmaal gewonnen hadden, nooit stonden zij dat aan den rusteloozen vijand af, zoolang de wapenen niet te kort schoten, die vernuft en arbeidzaamheid hen in de hand gaven. Men denke in verband met dit alles terug aan 't geen hier geschiedde in 1370 na het woeden van drie zware stormvloeden, en aan hetgeen reeds in 1170 te Damme in Vlaanderen moest worden verricht, (m) Nu echter waren velen genoodzaakt voor immer afstand te doen van de erf, die men zoo gaarne behouden had.

Maar de tijdsomstandigheden waren ook gansch anders dan thans. Toen trof men in de dijkrechten bepalingen aan van inhoud, alsvolgt: „indien de gecondemneerde in gebreke blijft van betalinge, soo zullen de klercken mogen versoucken dat den Bode wil excuteren : aen de meuble goederen van den Debiteur tot synen gebreke toe". En „indien bevonden wert dat de meublen van den Debiteurs niet suflicant en waren: voor de geeyste somnie soo sullen die waterklercken procederen op 't. Land, daer op sy pretenderen ten achteren te zijn", (a) En 't was geen zeldzaamheid dat van

mi] Zie de bladzijden 9 en 121 van dit werk.

a~\ Zie onder andere de verord. voor de Dijkage van Walcheren van 1559.