is toegevoegd aan uw favorieten.

De Honte en het eiland Borssele

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vóór dit nog kon plaats grijpen, mas ook Dk Witte ten grave gedaald. Het bedrag kwam aan zijne weduwe Johanna Lampins en kinderen.

En zoo eindigde dan deze treurige aangelegenheid. I)e reis naar Middelburg van den lieer van 's Heer-Hendrikskinderen met den jeugdigen Oornelis van "Watervliet in 1635 had heel wat nasleep tot gevolg. Wij denken daarbij onwillekeurig terug aan de reis van Ver Aechte in 1335, eene reis, die plaats had juist drie eeuwen (e voren. Welk een verschil leveren hun beider handelingen op. Wat doet de gedachte aan de eene reis ons goed, die aan de andere ons daarentegen droevig aan. Ver A echte sprak over geen broosheid des levens, over geene zekerheid des doods; maar oprechte en diepe belangstelling bezielde liaar ; zij was bezorgd voor de rust der zielen van haar afgestorven bloedverwanten. Zij kende dat bijgebrachte, maar beschouwde de onsterfelijkheid deiziel als eene onomstootelijke waarheid, als eene aangelegenheid van het hoogste gewicht. Zij wenschte ook hare handeling de onsterfelijkheid toe en tot bereiking van haar oogmerk vielen de daaraan verbonden offers haar zelfs niet te zwaar. De lieer van 's Heer-Hendrikskinderen liet den armen „wuften" Cornelis van Watervliet daarentegen uitvoerig handelen over leven en dood, terwijl hij daaraan toch nog geenszins met den noodigen ernst denken kon, en de bedoeling van hen, die den knaap dat alles in den mond legden, was ongetwijfeld geen andere dan geldbejag: de een beschreef de blanke bladen van haar levensboek met aangename dingen, de ander bekladde die in het zijne.

Een boekdeel zou te vullen zijn van al hetgeen bij dit proces van beide zijden was aangevoerd. En merkwaardig zijn de daarop betrekking hebbende documenten. Vele ollicieele stukken, als testamenten, koopacten, uitgiften en andere, werden in afschriften overgelegd. Zelfs eene taxatie van de goederen, door den jongeling nagelaten, treft men onder de bescheiden aan. Uit den daarvan opgei naak ten staat blijkt,