is toegevoegd aan uw favorieten.

Bijdrage tot de pharmacologie van het hart

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verhoudingen gelaten, op liet verschuitbare tafeltje gebracht, in de schematische teekening met T aangegeven en de canules aan aan- en afvoerbuis verbonden.

Het bloed reservoir bestond uit drie Mariotte'sche flesschen (Af) door een kranensysteem verbonden aan de aanvoerbuis, zoodat zij na elkaar en elk op zichzelf in de circulatie konden

worden gebracht.

De open reservoirs van Hïirthle ') schijnen mij geen voordeel te geven. In de eerste plaats leveren zij bij het gebruik van meer dan één reservoir dezelfde bezwaren als de Mariotte'sche flesschen op, n.1. dat de drukking van de vloeistof niet gemakkelijk volkomen gelijk te maken is. I>ij voorzichtig naast elkaar stellen van de niet zeer wijde Mariotte'sche flesschen kan men de drukking tot op '/» m.M. nauwkeurig gelijk maken, wat volkomen voldoende is.

In de tweede plaats leveren vooral bij pharmacologische experimenten, waarbij vluchtige stollen in het bloed zijn gebracht, de open reservoirs, waar het bloed indruppelt, het groote nadeel op, dat een gedeelte der stof verdampt en dus de proef onzuiver wordt. In de derde plaats verliest men het groote voordeel van de Mariotte'sche flesch, dat door het telkens doorstrijken van luchtbellen de roode bloedlichaampjes belet worden, naar beneden te zinken, wat vooral bij langen tijd durende experimenten een bezwaar is, en hierdoor ook de desarterialisatie van het bloed niet zoo spoedig plaats vindt.

Om deze redenen ben ik bij het gebruik der Mariotte sclie flesschen gebleven; door het in lig. 7 in horizontale projectie weergegeven kranenstel communiceerden deze flesschen met

de vena cava-canule.

De afvoerbuis, die aan de aorta-canule werd verbonden, bestond uit een caoutchoucslang, in het midden van een zijstuk (A) voorzien, en eindigende in een glazen buis met omgebogen eind (B), die naar willekeur hooger of lager boven het hart kon worden gesteld.

Bij A gaf een driewegkraan toegang tot een zijstuk, dat

*) Hiirthle. Arch. f. cxper. Path. und Pharrn. lid. XXX 1892.