is toegevoegd aan uw favorieten.

Advies van den directeur der gemeentewaterleidingen, aan Heeren Burgemeester en Wethouders van Amsterdam op het rapport ... uitgebracht door den Heer Th. Stang

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

welke luider spraken naarmate zij meer onder den invloed stonden van onoordeelkundig geformuleerde, hygiënische eischen, die op hun beurt geboren werden uit gemis aan vertrouwen in do doeltreffendheid der zandfiltratie eenerzijds en uit gebrek aan kennis omtrent den aard en het voorkomen van grondwater anderzijds, naar die mate werd in de laatste vijftien jaren herhaaldelijk niet alleen de wenschelijkheid, doeh ook de mogelijkheid onder de oogen gezien of in de Amsterdamsche winplaats het bestaande stelsel van open kanalen te vervangen zou zijn door een zoogenaamde gesloten draincering, hetzij dan vertikaal of horizontaal. Dat onderzoek, nu eens weder gestaakt dan opnieuw ter hand genomen, heeft steeds en zonder eenig beding tot uitkomst gehad, dat op den duur, voor blijvend werk vooral aan het oude stelsel de voorkeur moet gegeven worden, en do meest gewichtige redenen kunnen als volgt worden uiteengezet.

Volgens de bepalingen der concessie door een lastgeving der gemeenteoverheid daartoe gedwongen, werd door de Duinwater-Maatschappij in de jaren 1890 en 1891 in de z.g. Nieuw-, van Lennep- en Kromme Schusterkanalen, over een lengte van bijna 4 kilometer, do open kanalisatie, op advies des heeren Stang, als lid van de toenmalige Commissie van Onderzoek, vervangen door een diepliggende draineerbuis, volgens het dusgenaamde ,/Haagsche stelsel", en met de uitvoering van dit in zijn soort belangrijk werk ving de waterleiding-praktijk van den schrijver aan. Reeds bij den aanvang van het werk werden zeer bijzondere bezwaren ondervonden, zelfs in die mate, dat de Commissie van Onderzoek, die het Gemeentebestuur daaromtrent had geadviseerd, den ontwerper, haar medelid Tiieod. Stang, ter verantwoording riep, doch zijn verdediging was zoo zwak, dat hem wel niets anders overbleef dan zijn ontslag te nemen als lid der genoemde Commissie.

Reeds in 1894 bleek de draineerleiding, d. i. vooral ook de omhulling, in belangrijke mate verstopt, ja zelfs spoedig daarna op sommige plaatsen geheel verwoest te zijn, in die mate, dat van een goede exploitatie geen sprake moer kon wezen; het vertrouwen in het kunstwerk was verloren, en daarmede zonneklaar het onomstootelijk bewijs geleverd, dat de heer Stang zich schromelijk vergist had.

De lijdensgeschiedenis van deze hoogst kostbare proef, — immers zij verslond in tien jaren lijds meer dan f 600.000 — ongeacht het terugkeeren tot het oude stelsel, hetwelk daarna nogmaals een uitgaaf van f 200.000 vorderde, — is voor ieder belangstellende te lezen in tal van gedrukte stukken (technische literatuur), waarin zóóveel details zijn beschreven, dat dit alles hier niet uitvoerig behoeft te worden behandeld.

Een en ander gaf echter reeds in het jaar 1894 aanleiding tot een deugdelijk onderzoek naar een wellicht mogelijko toepassing van het stelsel der vertikale draineering, waartoe in de winplaats een proefinstallatie gebouwd en vier maanden in bedrijf gehouden werd, ongeveer ter plaatse waar de afvoerbuis van het Boogkanaal den Zandvoortschen