is toegevoegd aan uw favorieten.

Onderzoek omtrent de samenstelling der bismuthnitraten en de evenwichten in het stelsel bismuthoxyde, salpeterzuur en water

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De titer dezer loog gesteld op oxaalzuur was 1 gr. KOH-opl. = 0,4902 mol. KOH.

(N. B.! plienolpht. als indikator).

Hiermede werd het zwavelzuur getitreerd, waarbij ik als gemiddelde van verschillende goed overeenstemmende waarden vond:

1 gr. H2SO-opl. = 1,020 gr. KOH-opl.

= 0,5000 mgr. mol. KOH.

= 0,2500 mgr. mol. H2S04.

Eene herhaling der bewerking gaf:

1 gr. H2S04-opl. = 0,2499 mol. H2S04.

Voor de sterkte der H2S04-oplossing is dus gevonden: 1°. gewichtsanal. a) 1 gr. H2S04-opl.= 0,2494 mgr. mol. H2S04

b) =0,2500 „ „ n

2°. maatanalyt. a) =0,2501 „ „ „

— 0,2500 „ „ v b) = 0,2500 nu n

— 0,2499 „ „

Deze zes uitkomsten stemmen bijzonder goed overeen. Ik mag dus als zeker aannemen: 1 Gr. H2S04-oplossing bevat 0,2500 mgr. mol. H2S04.

De onder 2b gevonden waarde voor de sterkte der voor de analyses te gebruiken KOH-oplossing was bepaald met plienolpht. als indikator. Dit cijfer geeft het werkelijke KOIIgehalte (niet KOH -f K2C03). Bij de analyses gebruikte ik echter methyloranje om geen hinder te hebben van het koolzuur, dat door de KOH-oplossing gedurende de verschillende bewerkingen werd aangetrokken. Methyloranje