is toegevoegd aan uw favorieten.

Evenwichten in het stelsel barnsteenzuurnitril-zilvernitraat-water

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Velden : Vloeistoffen van de divariante stelsels.

imzv Hx L (+ D)

ehlimzxy Zx » »

ceyj Zj » »

cbdj Z4 » »

abdAg AgNOij » »

Nemen we als voorbeeld den isotherm van 330.

Ieder monovariant stelsel, dat bij die temperatuur kan optreden, geeft een punt van den isotherm, waar öf twee takken elkander snijden, öf een tak op de zijde van den driehoek eindigt.

Bij 330 zijn de volgende monovariante stelsels bestaanbaar: a. tertiaire:

1. AgNOs + Z4 + L (+ D) quadrupellijn bd,

2. Z4 + Z2 + L » » cf.

3. Z2 + -f L » » ey.

b. binaire :

1. AgN03 + L (+ D) in het stelsel AgNOs—H20.

2. Zx + L » » » » AgNOj—Ntr.

3. Ntr. + L » » » » AgNOj—Ntr.

4. Ntr. + L » » » » Ntr.—H30.

5. Ls 4" Lw » » » » Ntr.—H20.

De vloeistof van het ternaire evenwicht no. 1 ligt op de lijn bd (fig. 5). Om te vinden door welk punt van bd ze wordt gegeven, moet fig. 7—7' te hulp genomen worden. Daar is aangegeven hoe de concentratie met de temperatuur verandert. We vinden er het AgNOs- en Ntr.-gehalte bij 330 en zetten dit in fig. 5 uit. (In fig. 5 is dit niet gedaan, daar van den tak voor Z4 geen bepalingen gedaan zijn.)

Op dezelfde wijze worden in fig. 7—7' de samenstellingen der beide andere ternaire vloeistoffen bovengenoemd gevonden. Ze zijn in fig. 5 op de quadrupellijnen ej en ey aangegeven.

De binaire zijn te vinden op de tripellijnen der binaire stelsels; dat voor Zj + L (+ D) is in fig. 5 op de zijde AgN geteekend (de andere zijn er niet aangegeven).

De geheele isotherm van 330 is (schematisch) voorgesteld in fig. 12. Deze isotherm bestaat uit 6 takken.