is toegevoegd aan uw favorieten.

Onderzoekingen over het stelsel over chloorzuur en water

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i. Reeks van mengkristaüen /.

In den geruimeti tijd, dien ik aan liet onderzoek besteed had, voordat ik er zoover mee gevorderd was, als tot nu toe beschreven is, had ik slechts eenmaal een beginstolpunt gevonden, dat op deze lijn gelegen was en hoewel ik meermalen getracht had deze soort van kristallisatie wederom terug te krijgen, gelukte mij dit niet. De minder stabiele modificaties wilden zich niet in deze omzetten. Onverwacht kreeg ik een mengsel, 77 molecuulprocenten water bevattend, in handen, dat, na opheffing der oversmelting, een kristallisatie gaf, die bij —35-5° verdween en dit alle volgende dagen weer herhaalde, zoodat ik de gewenschte kristallen steeds in handen kon krijgen. Evenals die der andere stabiele hydraten muntten ze uit door hun goed uitgesproken kristalvorm, het waren naast elkander liggende korte dikke staafjes, die knersten, als er tusschen geroerd werd en die spoedig naar den bodem zakten.

Door inzaaiproeven werd het beloop van de smeltlijn, waartoe het nu gevonden punt behoorde, nagegaan, ze strekt zich uit van de samenstelling met 75.4 tot die met 82.3 molecuulprocenten water. Men ziet dus, dat ze naar links doorloopt beneden de smeltlijn van het hydraat HC104?Ha0a en dit is in staat het optreden van enkele eutectische punten in deze buurt van concentraties te verklaren.

Ik heb vroeger reeds vermeld, dat de smeltlijn van het hydraat met 2 V8 molecuul water niet eindigt daar, waar ze de lijn van het stabiele hydraat met 3 moleculen water ontmoet, maar dat ze verder te vervolgen moet zijn. Dit leidde ik af uit het feit, dat mengsels met 74 en 75 molecuulprocenten water, als ze begonnen het hydraat met 2 '/a molecuul water af te scheiden eutectische punten vertoonden