Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Gereformeerden hebben gedaan, Michaël voor een ongeschapen engel ia voor den Zoon Gods zelf te houden. „Ongeschapen engelen ziin er nu eenmaal niet; ze laten zich zelfs evenmin denken als een houten ijzer", want tusschen Schepper en schepsel bestaan geen middenwezens. „De Engel des Heeren", waarvan wij zoo dikwijls lezen in de Schrift, is dan ook niet een „engel , maar de Zone Gods zelf, en van Hem kan dan ook hier, bij 's Heeren ordinantiën' voor de geschapen geesten, voor de engelen, niet gesproken. Eindelijk lezen wij van Michaël nog in Daniël 12:1, waar hij genoemd wordt „die groote vorst, die voor de kinderen uws volks staat . .

In het Nieuwe Testament wordt, naar wij reeds zagen, Michaël op

1 erstairT den*bridTvan Judas vers 9: .Maar Michaël, de archangel, toen hii met den duivel twistte en handelde van het lichaam van Mozes, durfde geen oordeel van lastering tegen hem voortbrengen,

maar zeide: Dg Heere bestraffe u! , . . j.

De brief van Judas is gericht tegen de revolutionairen van dien tüd de libertijnen, die door theorie en practijk toonden alle ordinantie Gods te versmaden, alle heerschappij verwierpen. Tegenover deze dwaalleeraars, die met hun verderfelijke leer waarschijnlijk in de Toodsch-Christelijke gemeenten schade aanrichtten, wijst Judas nu zijn {^5, OM veis of het eerbiedig gedrag van Michaël zelfs tegenover den duivel. Bij het lijk van Mozes, zoo wordt ons hier geopenbaard, ontstond tusschen Michaël en den duivel een woordenstrijd. De laatste maakte er, naar sommigen meenen, wegens het ombrengen van den Egyptenaar, aanspraak op, en nu durfde Michaël niet, uit eerbied voor Gods ordinantie, voor de aan Satan verleende macht, tegen die macht ingaan, en deed dus gansch anders dan de libertijnen, die de heerschappij verwerpen en de heerlijkheden lasteren (vs. 8). In een volgend hoofdstuk, waar wij van de gevallen engelen hopen te handelen, komen

W'i)!?1 tweede plaats, waar in het Nieuwe Testament van Michaël wordt gesproken, is Openbaring 12 : 7 : „En er werd krijg in den hemel:

Michaël en zijne engelen krijgden tegen den draak en de draak krijgde

onk en ziine engelen." Wij hebben hier een zelfde gedachte als in het boek Daniël. De strijd, op aarde tusschen de menschen gevoerd, wordt beheerscht door een anderen, die in de wereld der geesten wordt gestreden. De vervolging van Christus' Kerk op aarde heeft haar oorsprong in Satan's vijandschap tegen den Heere Een draak onder welk beeld Satan wordt voorgesteld, vervolgt de Vrouw en haar Kind het geestelijk Israël en de daaruit geboren Gemeente. Maar hij, de draak met zijn engelen, wordt door Michaël met zijn engelen over¬

wonnen. Michaël in Daniël

een^n de eirste vorsten*» e£ fn Judas „archangel" wordt genoemd, wij zeer waarschijnlijk ook in 1 Thess. 4 : '6 aan Michaël hebben te denken. Bij de beschrijving van de wederkomst van Christu- toch schrijft daar de heilige apostel: „Want de Heere zelf zal met een geroep, met de stem des archangels, en met de bazuine Gods neder-

Sluiten