Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tusschen God en den mensch. Eindelijk dient ook nog dat in de Openbaring de cherubs, evenals de serafs j J ,1 ankEeuwige het driemaal heilig toezingen; heerlijkheid en j

zegging geven aan Hem, die op den troon zat, die in alle eeuw g

heid leeft (vs. 9).

Vergelijken wij ten slotte, wat de Schrift ons in haa'h®Jf boliek omtrent serafs en cherubs openbaart, dan kom' wk 3 resultaat, dat wij hier te doen hebben met twee afzonderlijke groep gr van engelen. Onder de geschapen geesten nemen ^ hooge plaats in; zij staan feitelijk andere^eng^

dichter staan bij God. Zij staan het naast aan Heeren

Eeuwige. Zij staan in innig verband met de heiligh ^ serafs

Wat dit laatste betreft, is er tusschen beiden dit verschi , meer de roeping hebben die heiligheid te^verbmden, gerechtigheid te doen wijken — men denke ken"

van den seraf tot Jesaja: „Alzoo is uwe misdaad van u Igwekeji, /jj 6:7) —, terwijl de cherubs de roeping hebben, de g Heeren tegenover de zondige creatuur te bewaken. Maar

De seraf dus meer aanvallend, de cherub meer verd g • ^ ^ ook is er onder cherubs en serafs in betrekking tot eJevinden

Heeren, deze overeenkomst, dat beiden hun zaligheid en h chte d;e

om haar te loven en te prijzen. Dit toch is de schoo ë y jj-

de Schrift ons openbaart, dat met slechts de serafs Openbaring

Tesaja 6:3-, maar ook de cherubs - men vergelijke Upenbarmg

, : 8 — den Heere het driemaal heilig toezingen. verloste

Ook toen er nog geen zonde was, en eens, als er , uitverkorenen menschheid, onder het vol getal van Gods gezaligde m^erk°re geen zonde meer zijn zal, hebben deze geschapen p^ten hun^ p g en taak te vervullen: de verheerlijking Gods, het ve lof, Zijn glorie, Zijn eere.

Zijn de engelen geesten en bezitten zij dus geen hc*iarn^n 'a valt dan ook weg alle geslachtelijke onderscheiding,^ „eschapen categorieën van mannelijk en vrouwelijk zijn °P Gf kometen,

wezens evenmin van toepassing als b. v. op plan omschriift

Men denke aan het „den engelen gelijk waarmee Jezus °mschnj het bestaan van de „kinderen der opstanding (Lukas 2c> . 3^ Maar ook alle generatie, alle teling, alle verhoudl.ng- di iduën zj;n zoon is bij deze geschapen geesten uitgesloten ^ S j:n „eroepen. zij ten dage van hun schepping in vol getal tot hun ^ g Schrift Toch vormen zij een wereld; reeds door wat wij zagen 'uitd^chn _

van hun individueele verschillen: men denke aan G ordinantié

maar ook door het verband, waarin zij krachtens G?dde^°^k over met elkander staan. Wij vonden toch in hel■ ™nf 's Heeren ordinantie voor de wereld der engelen, dat

Sluiten