Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE KUISCHHEID. — MAN EN VROUW.

II.

MAN EN VROUW.

Doch Hij, antwoordende, zeide tot hen: Hebt gij niet gelezen, die van den beginne de menschen gemaakt heeft, dat Hij ze gemaakt heeft man en vrouw? En gezegd heeft: Daarom zal een mensch vader en moeder verlaten, en zal zijne vrouw aanhangen, en die twee . zullen tot één vleesch zijn; alzoo dat zij niet meer twee zijn, maar één vleesch. Hetgeen dan God samengevoegd heeft, scheide de mensch niet.

Mattheüs 19 : 4—6.

De tegenstelling tusschen het mannelijke en het vrouwelijke, die zich reeds voordoet in de plantenwereld, doch sterker nog uitkomt in de dierenwereld, openbaart zich het machtigst onder de menschen.

God, die van den beginne de menschen gemaakt heeft, heeft ze gemaakt man en vrouw.

Dat is de natuur-ordinantie.

Maar de Schrift leert ons ook, in het zinrijk verhaal der schepping van Eva uit Adams' ribbe, bij alle tegenstelling tusschen man en vrouw, hun innige verwantschap.

De vrouw is uit den man en daarom op het innigst aan hem verwant; van zijn gebeente en zijn vleesch; mensch als hij; omdat zij uit hem is, van zijn natuur en daarom mèt hem als mensch onderscheiden van alle andere naturen.

Hij het primaire, zij het secundaire.

Want Adam is eerst gemaakt, daarna Eva. (1 Tim. 2 : 13.)

Want de man is uit de vrouw niet, maar de vrouw uit den man. Want ook is de man niet geschapen om de vrouw, maar de vrouw om den man (1 Corinthe 11:8 en 9); om hem te zijn tot een hulpe.

De vrouw om den man.

Maar het is, zooals onze Bilderdijk zingt:

Als de Schepper aller dingen Voor het grootst der zegeningen,

D' eersten sterveling een vrouw Uit zijn vleesch vereeren zou;

heeft Hij ze uit geen oog geschapen; uit geen hand gewrocht; uit geen brein genomen; uit geen tong gekneed;

Maar een rib uit 's menschen lijf Koos en wrocht Hij hem ten wijf;

Opdat ze in haar gansche leven Aan haars Egaas hart zou kleven.

Sluiten