Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dat met deze uitlegging van art. 127 de bedoeling van den wetsrever

ka" ik niet toegeven- Immers «it de geschiedenis ijkt juist dat uitlegging en bedoeling hier met elkander overeen-

L, ™e": Volg0'1S 'le Memorie van toelichting strekt het artikel tot het straffen van bedriegerijen waardoor argelooze en onwetende kiezers • eis stemmen dan zij voornemens waren. Wanneer nu een kiezer lui naam A. invult, kan hij niet zeggen B. bedoeld te hebben.

e Memorie spreekt verder van het inleveren van een stembriefje da naar de meen.ng van den kiezer geldig is en overeenkomstig zijnen 11 ,nfev,,kl' terwijl in werkelijkheid zijne bedoeling niet wordt verwezenlykt, en noemt dan voorbeelden op, allen betrekking hebbende op handelingen aan de stembilletten gepleegd.

In de eerste j,laats wordt genoemd het laten (lees: doen) stemmen

ander! a °P ^ de" V°rm "ietig billet' wat geheel iets

' 1S c an aanraden om blanco te stemmen of een nietig billet te

een "hl ' ^ ^ het in <le handen doppen van

a"co billet met de bewering dat het ingevuld is of van een

etig billet voor een geldig; voorts het laten (doen) stemmen op iemand

wen* voornamen verkeerd zijn aangegeven, waaronder niet kan vallen

het by advertentie aanbevelen van iemand die andere voornamen dan

er TnZl / °f ^ °Pgeven Van <«e

ter invulling n, het stembiljet, maar wel weder het opdringen van

een verkeerd ingevuld billet. Verder wordt nog gesproken van het

' se^'1 van stembiljetten en liet invullen van iemands stembriefje

iTndeZT a"deren f8" ^ doBr ,leZe" °P^venen naam. beide «andelingen waarvan liet wel niet twijfelachtig kan zijn dat zij rechtsreeks de luer bedoelde onzuiverheid der stemming veroorzaken.

van '7% T y00,b0elde"' d'e trouwens lla (le invoering der kieswet

v'J ^ f-1896' StbL 154' niet ,neei' lïevailen weergeven

bliikt l'It <e P !!jk'der polltloke vei'kiezingen kunnen voorkomen,

heeft me" , h6t ontwerPen dCT wet /-eer goed rekenschap heeft gegeven van de beteekenis der gebezigde woorden.

Kerst bij de behandeling in de Tweede Kamer ontstond er beffrips«.'«.ining. De Commissie van Rapporteurs vatte het artikel te ruim ui knoopte aan hare opvatting de kritiek vast, dat schier alle kiesanoemres in de termen der strafwet zouden vallen. En de Minister, viel mntol f f"n,lamenteeJe onjuistheid dier opvatting aan te toonen, beeld u- ■ 'i''' '' toel)as's'ng ,llet ,'oor ('e Commissie aangehaalde voor'l^ let I'laatsen van advertentiën waarin de politieke gevoelens

"™ M™""

Sluiten