Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(een strafbaar feit) wende zich tot den ondergeteekende i), is een aanbod van inlichtingen.

De woorden der wet sluiten niet uit een aanbod waarbij de inlichtingen of ook de gelegenheid indirect tot het plegen van het strafbare feit kunnen leiden; met inlichtingen zal dit trouwens in den regel het geval zijn.

4. In het openbaar mondeling, bij geschrifte, zie aanteekenin" 3 op art. 131.

Artikel 134.

Hij die een geschrift waarin wordt aangeboden inlichtingen, gelegenheid of middelen te verschatten om eenig strafbaar feit te plegen, met het oogmerk om aan dat aanbod ruchtbaarheid te geven of de ruchtbaarheid daarvan te vermeerderen, verspreidt, openlijk ten toon stelt of aanslaat, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of geldboete van ten hoogste driehonderd gulden.

Indien de schuldige liet misdrijf in zijn beroep begaat en er tijdens liet plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verloopen, sedert eene vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijk misdrijf onherroepelijk is geworden, kan hij van de uitoefening van dat beroep worden ontzet.

Zie de aanteekeningen bij art. 113, 132 en 133,

Ook hier geldt dat bij den verspreider vereischt wordt de wetenschap \an de strafbaarheid van het feit tot het plegen waarvan inlichtingen enz. worden aangeboden; zijn oogmerk is ruchtbaarheid te geven of te vermeerderen ten aanzien van het aanbod, d. i. het aanbod met zijne strekking.

Artikel 135.

Hij die, kennis dragende van eene samenspanning tot een der in de artikelen 92—95 of 102 bedoelde misdrijven, op een tijdstip waarop het plegen van deze misdrijven nog kan worden voorkomen, opzettelijk nalaat daarvan tijdig voldoende

11 I olenaar en Heemskerk aanteekening 7; zie <lo rectificatie in het alfabetisch register onder Aanbieding.

Sluiten