Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van vaartuigen, ja elk overdekt vaartuig1). Dan blijft wel de vraag over, waartoe dan tocli de woning mede genoemd is; lokaal omvat dan immers woning. Alleen deze oplossing is mogelijk dat de wetgever inderdaad de bescherming van het huisrecht steeds voor oogen heeft gehad, en dus de woning op den voorgrond is blijven stellen, vergetende dat door de uitbreiding die hij aan de bescherming van dat recht gaf, de woning als zoodanig feitelijk geheel op den achtergrond gedrongen is.

Lokaal kan dan ook, ofschoon liet naar gewoon taalgebruik een gedeelte van een gebouw is, een afzonderlijk gebouw zijn; liet zou overigens geenen zin hebben dat een gedeelte van een gebouw wel, liet geheele gebouw niet tegen indringers beveiligd was.

16. Moet nu wegens de ruime beteekenis van lokaal en erf de gedachte aan uitsluitende bescherming van het huisrecht worden opgegeven, zoodat liet binnendringen in erf of lokaal strafbaar is ook al is er hoegenaamd geen verband tusschen deze twee en eene woning, er zou op zich zelf geene reden zijn om met het Gerechtshof te Leeuwarden'-) erf te beperken tot zoodanigen grond die niet alleen vatbaar is voor privaat bezit, maar werkelijk privaatrechtelijk bezeten of gebruikt wordt.

Eene gemeentelijke begraafplaats, al wordt zij voor den openliaren dienst gebruikt, kan dan tocli ook een erf zijn, een stuk grond waartoe de toegang slechts met bewilliging van den eigenaar kan verkregen worden. Ook in de taal van liet Burgerlijk wetboek is de benaming toepasselijk op grond voor openbaren dienst bestemd, de bestemming belet niet dat er eene erfdienstbaarheid op gevestigd wordt.

Intusschen heeft liet Hof terecht overwogen dat de tegenstelling met art. 139 hier eene beperkte beteekenis aan erf moet doen toekennen. In dat artikel tocli wordt straf gesteld op het binnendringen in lokalen voor den openbaren dienst bestemd, tegenover het binnendringen in lokalen bij een ander in gebruik. Zijn de lokalen van art. 139 van de toepasselijkheid van 138 uitgesloten, dan kunnen in dit artikel slechts private lokalen bedoeld zijn en kan ook het met lokaal samengekoppelde erf (dat niet in art. 139 voorkomt) slechts een privaat erf wezen. Terwijl art. 138 de rust van de persoon, de onschendl laarheid van de private bezitting beschermt, dient art. 139 tot verzekering van den onbelemmerden gang van ambtelijke werkzaamheden, en stelt het strafbaar het binnendringen in lokalen waar zulke werkzaamheden plegen

!) Rechtbank 's Gravenhage 25 Maart lSit.ï, P. v. J. 1895, no. 3(i; Rechtbank Alkmaar 5 April 1898, Wbl. 7122.

-) Arrest van l(i October 1890, Wbl. 594!t.

Sluiten