Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook door handelingen binnenshuis de rust dei naaste buren verstoord kan worden op eene wijze die strafbaar behoort te zijn.

Hier is aan het verstoren van de rust eene beperkte beteekonis gegeven, die alleen bij rumoer in aanmerking kon komen, want in het woord burengerucht ligt opgesloten — zegt de Memorie van toelichting ook — dat het gerucht uit zijnen aard reeds de rust verstoren kan.

Strafbaar zijn dus de handelingen die de rust der buurt, en die welke slechts de rust dei naaste omwonenden kunnen verstoren.

In het tot art. 14'J omgewerkte art. 487 van liet ontwerp werd gesproken van openbare rustverstoring; dit is niet eene verstoring der openbare rust (openbare-rustverstoring), maar eene openbare verstoring der rust.

Openbaar zal hier wel genomen moeten worden in de beteekenis van openlijk, voor liet publiek waarneembaar. De hoogleeraar de Vries wraakte in zijne nota over de lieteekenissen van het woord „openbaai''!) het hier van dat woord gemaakte gebruik, zonder dat hij daardoor eene wijziging uitlokte. De grief van den hoogleeraar richtte zich ook legen art. waarbij behandeld wordt de openbare schennis der eerbaarheid. Ook dit artikel bleef echter onveranderd. Toch blijkt dat men daar niet openbaar bedoeld heeft wat door openlijk behoort te worden uitgedrukt, want uitdrukkelijk wordt liet bezigen van schennis der eerbaarheid in het openbaar, d. i. op eene openbare plaats, verworpen, en wordt aangenomen dat niet de toegankelijkheid der plaats maar de zichtbaarheid \an het feit beslissend is. Waarom nu tocli de eerst gebezigde uitdrukking behouden is blijkt niet.

De ratio van ait. -.'i't geldt ook voor het oude art. 4N7. 01 daar openbaar door openlijk vervangen zou worden behoefde 'geen joint van overweging meer uit te maken na de wijziging der redactie.

Rustverstoring is nu ook hier al wat in art. 431 begropeit is, nl. in art. 431 in zijnen oorspronkelijken vorm: de wijziging in dit artikel heeft ook eene wijziging in zijne beteekenis medegebracht. De hoogleeraar de Vries gaf tot die wijziging den stoot, doch alleen omdat hij liet woord „nachtelijk" iu de beteekenis waarin het werd gebruikt (die van: bij nacht) niet kon erkennen. Hij stelde voor te lezen: nachtrumoer of burengerucht, waardoor de rust kan worden verstoord, of wel: rumoer of burengerucht gedurende den nacht waardoor de rust kan worden verstoord, of, als liet eenvoudigste: rumoer of burengerucht waardoor de nachtrust kan worden verstoord. De laatste lezing werd aangenomen, daardoor werd wijziging gebracht m de beteekenis van

') Sluidt III, eerste druk 322, tweede druk :jG2 sub li«

Sluiten