Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onregelmatig duel wegens hot zelfde dat strafverhooging medebrengt bij het regelmatige.

Men kan toch niet zeggen dat, ingeval licliamelijk letsel wordt toegebracht zonder dat van opzet blijkt, de bepalingen van art. 154 herlesen, want art. 155 spreekt niet van opzet, en sluit dus evenzeer de toepasselijkheid van art. 154 uit wanneer er niet, als wanneer er wel van blijkt; vgl. aanteekening 4.

Alleen wanneer er geen letsel is toegebracht is liet eerste lid van art. 154 toepasselijk omdat art. 155 dat geval niet betreft; nieuwe anomalie: wie in liet onregelmatige duel geen letsel toebrengt is strafbaar volgens art. 154, wie zonder opzet letsel toebrengt is straffeloos.

Zegt men: het letsel bij duel zal wel altijd met opzet toegebracht zijn; ik antwoord: het opzet moet in elk geval bewezen worden; en evenmin als bij eeue gewone vechtpartij is bij het onregelmatige tweegevecht de mogelijkheid uitgesloten dat het letsel of de dood gevolgis alleen van schuld.

Voor zooveel betreft de levensrooving blijft altijd nog over dat die bij het onregelmatige en het regelmatige duel ingeval zij niet bedoeld is gelijk wordt gesteld, wat blijkt bij eene vergelijking van art. 154, vierde lid, met art. 300, derde lid.

De omstandigheden die het tweegevecht tot een onregelmatig maken zijn drieflrlei: niet vooraf regelen van de voorwaarden, duel zonder getuigen, bedriegelijke handeling of afwijking van de voorwaarden ten nadeele der tegenpartij.

De eerste twee zijn aan partijen gemeen en maken het duel ab initio onregelmatig; de laatste is slechts het werk van eene liarer, en kan dus alleen hem treffen die ze in het leven roept. Wanneer de eeue Partij bedriegelijk handelt of de voorwaarden overtreedt, dan stelt zij daarmede de andere niet bloot aan vervolging wegens mishandeling, doodslag of moord in geval deze aan hare tegenpartij lichamelijk letsel toebrengt of die doodt. Van de zijde der partij die niet overtreedt blijft het duel immers regelmatig, en zij kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor daden die niet de hare zijn; op haar blijven dtis de bepalingen van art. 154 van toepassing 1).

3. Is voor elk duel eene vooraf gemaakte overeenkomst tot vechten noodig, het duel is onregelmatig wanneer niet vooraf tevens de voorwaarden zijn geregeld. .luist die regeling geeft aan het duel technisch zijn karakter.

') Polenaar en Heemskerk, aanteekening 1.

Sluiten