Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3. Het opzet behoeft slechts op het vernielen of beschadigen gericht te zijn; wetenschap dat het vernielde een gebouw of getimmerte is, wordt blijkens de plaatsing van het woord „opzettelijk" niet gevorderd.

4. Zie voorts de aanteekeningen 5—13 op art. 157.

5. Yoor de bijkomende straf zie art. 17G.

Artikel 171.

Hij aan wiens schuld de vernieling ol' beschadiging van eenig gebouw of getimmerte te wijten is, wordt gestraft: 1°. met gevangenisstraf of hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van ten hoogste driehonderd gulden, indien daardoor gemeen gevaar voor goederen ontstaat;

'2°. met gevangenisstraf of hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogste driehonderd gulden, indien daardoor levensgevaar voor een ander ontstaat;

li0, met gevangenisstraf of hechtenis van ten hoogste een jaar, indien het feit iemands dood ten gevolge heelt.

1. Zie aanteekening 1 op art. 15S en 1 en 2 op art. 170.

2. Voor de bijkomende straf zie art. 176.

Artikel 172.

Ilij die in een put, pomp, bron of in eene ten algeineenen nutte of lot gezamenlijk gebruik van of met anderen bestemde drinkwaterinrichting eenige stof aanbrengt, wetende dat daardoor het water voor het leven of de gezondheid schadelijk wordt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren.

Indien het feit iemands dood ten gevolge heeft, wordt de schuldige gestraft inet levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren.

1. De misdrijven van dit en het volgende artikel worden in de .Memorie van toelichting gebracht onder het hoofd: watervergiftiging,

Sluiten