Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of beletten of bemoeielijken van de nasporing of vervolging van den dader, wie hij ook zij, dus ook zonder dat men eene bepaalde persoon wil helpen, zonder dat men zich bewust behoeft te zijn van hare strafrechtelijke vervolgbaarheid, anders dan bij no. 1; zie aanteekening 3.

7. Verbergen, zie aanteekening 2 op dit artikel en aanteekening 3 op art. 159.

Welke beteekenis aan onttrekken gegeven moet worden hangt af van het verband waarin het woord gebezigd wordt.

Hier wordt gesproken van onttrekken van een voorwerp aan het onderzoek van ambtenaren, waarvoor wel altijd eene positieve handeling noodig zal zijn.

Hetzelfde gelilt voor art. 198: onttrekken aan gelegd beslag, d. i. brengen buiten het beslag; het artikel spreekt ook van verbergen van onttrokken goed, en beschouwt dus het enkele verbergen niet als onttrekken; was er sprake van een nog niet gelegd beslag of van een beslag dat niet op bepaalde met name genoemde goederen gelegd is dan zou het houden buiten de beslaglegging onder het artikel vallen. Zóo is het bij art. 341 1": de gefailleerde die eenig tot zijnen boedel behoorend goed niet aan den curator inlevert onttrekt het even goed aan den boedel als hij die het aan eenen vreemde in bewaring geeft; onttrekken aan de feitelijke macht van den curator is onttrekken aan den boedel 1).

In art. 279 wordt gesproken van onttrekken van eenen minderjarige aan het over hem gestelde gezag of aan bevoegdelijk uitgeoefend toezicht. Nevens dit artikel kende het ontwerp nog een artikel 303, waarin strafbaar werd gesteld hij die, opzicht uitoefenende, weigert op de gedane vordering van den rechthebbende den minderjarige aan dezen te laten volgen.

Do Commissie van Rapporteurs uit de Tweede Kamer achtte dat artikel in dezen vorm overtollig daar de strafbaar gestelde handeling reeds onttrekken aan het gezag oplevert. De Minister vereenigde zich met die opvatting, en terecht; de minderjarige was door het opzicht dat eene delegatie van het gezag uitmaakt nog niet aan het gezag onttrokken; de weigering van uitlevering verijdelt dat gezag', brengt den minderjarige feitelijk er buiten, onttrekt hem er dus aan.

Daarentegen is ieder ander, die weigert eenen minderjarige die zich onder zijne bescherming gesteld heeft uit te leveren, niet schuldig

!) Ilooge Raad 6 April 1903, Wlil. 791H; vgl. Augustus 1899, Wbi. *25, P. v. J. 18!)!», no. 72.

Sluiten