Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

noemt, mede dat de persoon tegen wie het gepleegd kan worden niet in liet enkelvoud werd genoemd.

7. Over de verhouding van de persoon tegen wie het misdrijf wordt gepleegd tot het misdrijf, zie aanteekening 4 op art. 247.

8. Voor de bijkomende straf zie art. 251.

Artikel 250.

Als schuldig aan koppelarij wordt gestraft: 1°. mei gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren, «Ie vader, moeder, voogd of toeziende voogd die opzettelijk het plegen van ontucht door zijn minderjarig kind of den onder zijne voogdij of toeziende voogdij staanden minderjarige met een derde teweegbrengt of bevordert;

2°. met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren, ieder ander die uit winstbejag opzettelijk het plegen van ontucht door een minderjarige met een derde teweegbrengt of bevordert, ol' die van liet opzettelijk teweegbrengen of bevorderen van ontucht door een minderjarige met een derde eene gewoonte maakt.

1. Hlijkens de toelichting van het artikel en de zeer breedvoerige diseussiën in de Staten generaal over de doelmatigheid zijner bepalingen gevoerd heeft men hier in het bijzonder ook het oog gehad op de bescherming van minderjarige meisjes tegen hen die met misbruik van hun gezag over haar of uit winstbejag tot prostitutie verleiden.

Er worde echter niet voorbijgezien dat hier van minderjarigen in het algemeen, van de eene en de andere kunne dus, gesproken wordt, en dat het plegen van ontucht eene veel uitgebreidere bet eekenis heeft dan het hebben van vleeschelijke gemeenschap. Nu is in de voorgaande artikelen sprake van het plegen of dulden van ontuchtige handelingen, hier van het plegen van ontucht met derden. .Mag daaruit worden afgeleid dat het feit niet strafbaar is wanneer de minderjarige de lijdende partij is'? Dit kan niet do bedoeling geweest zijn en behoeft niet uit de woorden te volgen. .Men kan zeer goed van de handelende en de lijdende partij gezamenlijk zeggen dat zij ontucht plegen; waar in art. 246 en 247 van plegen en dulden gesproken wordt, is het steeds in betrekking tot éene persoon van wie moest worden uitgedrukt dat zoowel de passieve als do actieve rol in aanmerking komt;

Sluiten