Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mijnheer de I'resident, ik ben nog niet zoover als de vorige spreker. De sprong, dien de Minister van de Kamer vergt, schijnt mij te groot.

Jaren lang is hier liet cijfer van het Xde hoofdstuk bestreden. Dat de meerderheid der Kanier doorgaans een lager cijfer verlangde, is zeker. Ten laatste heeft men zich nedergelegd bij eene soort van compromis voor liet oogenblik. liet denkbeeld van een plan van legerorganisatie, bij de wet vast te stellen, werd geopperd, en, in afwachting daarvan, heeft men goedgekeurd hetgeen anders niet goedgekeurd zou zijn. Over dat denkbeeld spreek ik straks; ik vraag nu eerst, wat doet de Minister? De Minister houdt de kosten van het departement, de staven, den geneeskundigen dienst, ik noem enkel voorname afdeelingen, op gelijke hoogte als vroeger, hij verlaagt slechts ééne, de tiende afdeeling, met f 30,(KH); daarentegen worden afdeeling III traktementen en suldijen, afdeeling IV remonte, afdeeling \ I reiskosten, afdeeling XI materieel der genie en de XHde verschillende uitgaven, alle verhoogd. En die onderscheidene verhoogingen, Mijnheer de President, zijn naar mijne schatting nog niet hetgeen waarop het voornamelijk aankomt; de hoofdzaak is, dunkt mij, het uitlicht dat ons de Minister opent: de verhoogingen toeli die hij ons nu voorstelt, zijn enkel een begin.

\ oor de toekomst — dit is ons bij de spoorwegdiseussie gebleken — denkt de Minister vooreerst het te verdedigen of te versterken terrein aanmerkelijk uit te breiden. Voorts doen ons bladzz. 3 en 4 der Memorie van Beantwoording zien welke uitbreiding van levende strijdkrachten de Minister noodig keurt. Deze en gene bijzonderheid voorbijgaande, stip ik slechts aan, dat hij voor de kaders en als vrijwilligers 20,000 man ter beschikking wil hebben. Op bladz. 7, waar gewaagd wordt van de oefening der miliciens, lees ik:

„Alhoewel voor het volgend jaar slechts de noodige gelden zijn aangevraagd tot het doen onder de wapenen komen van 1800 miliciens, ter aanvulling van de bataillons, bestemd om een kamp te betrekken, moet hier niet uit worden afgeleid dat zulks in den vervolge op die wijze zal worden bestendigd. Het is reeds in de Memorie van Toelichting te kennen gegeven, en het wordt hier herhaald, dat 's lands weerbaarheid door eene doorgaande oefening der miliciens dient te worden bevorderd."

O]) bladzz. II en 12 wordt het onderwerp der vestingen behandeld. Het is mij daarbij voorgekomen, dat onder alle Ministers van Oorlog, die ik de eer had aan gindsehe tafel te zien zitten, deze Minister vooralsnog de moeilijkste is in het verminderen der vestingen. Derhalve vermeerdering en nog al eene aanzienlijke vermeerdering voor het oogenblik, en de belofte van nog veel grootere, onberekenbare vermeerdering voor liet vervolg.

\\ ij hebben in den loop van dit jaar van wege buitengewone omstandigheden buitengewone middelen aan het Departement van

Sluiten