Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

drieg, de verbinding van Harlingen met Rheine over de Westbaan korter, dan die door Twente.

Omtrent het tot stand komen van eene geconcedeerde ljjn bepaalde zekerheid te geven, vond de minister onmogelijk. Doch betrouwbare mannen hadden hem gezegd, dat de weg tot stand zou komen.

Mijnheer de Voorzitter, ik ben den Minister erkentelijk voor de mededeeling van zijn bijzonder, persoonlijk gevoelen betreffende den geconcedeerden weg van Utrecht naar Zwolle. De Minister vinde mij niet lastig, indien ik na zijn antwoord, mij nog eene enkele vraag veroorloof. Eene opmerking vooraf.

De Minister vertrouwt, dat het geld voor dien weg zal worden gevonden. ^ Mij dunkt, dat mogen wij wel met gouden letters merken. \ oor een weg van Utrecht langs de Zuiderzee naar Zwolle kan het geld, volgens den Minister, met vertrouwen tegemoet worden gezien, doch zoo menige andere, grootere lijn kan niet worden geconcedeerd, dewijl uitvoering bij concessie hopeloos is!

Het is niet mogelijk, zegt de Minister, ten aanzien van het tot stand komen van een geconcedeerden weg eenige zekerheid te geven. Is dit wel in allen deele aannemelijk? Ik ken de concessie niet, maar zij wijkt toch denkelijk niet zóó zeer van andere verleende concessiën af, dat daarbij geen termijn zij bepaald binnen welken althans een aanvang met de werkzaamheden moet worden gemaakt, op straffe van verval der concessie. De concessionarissen zijn toch, hoop ik, niet bij machte, om bijv. 50 jaren langde zaak hangende ol slepende te houden en daardoor het tot stand komen van een anderen weg te belemmeren. Ik erken volkomen dat, zoo die weg van Utrecht naar Zwolle wordt gelegd, het dwaas zou zijn nog een anderen weg over de Veluwe te leggen. Ik wil daarmede geenszins zeggen, dat mij de verleening dezer concessie juist voorkomt, hetzij wat het tijdstip, hetzij wat de richting betreft,

"Wat de richting betreft, merk ik op, dat die voor eene lokale lijn, als zoodanig gedacht, soms goed en zelfs de beste kan zijn, doch als deel eener algemeene lijn genomen, somwijlen anders moet worden getrokken; en in verband met het stelsel, waarvan ik sprak, zou dit ook hier waar kunnen zijn. Ik acht het eene groote feil van het vorig Ministerie dat die concessie is verleend. Niet dat ik zulk een weg niet zou verlangen, maar men had, dunkt mij, de concessie niet moeten verleenen op een tijdstip, waarop men bezig was met het beramen van een algemeen spoorwegnet. Op dat tijdstip had men die concessievraag moeten aanhouden.

\ an den Minister zou ik nu nog een antwoord wenschen te vernemen ten aanzien van die andere belangen die ik aanroerde, be-

Sluiten