Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De gewijzigde considerans zou luiden: „Alzoo Wij in overweging genomen hebben dat, in verband met de verplichting tot handhaving van de bestaande verbodsbepalingen tegen willekeurige beschikking der inlandsche hoofden op Java en Madura over de gronden, den arbeid en de goederen der inlandsche bevolking, de noodzakelijkheid is gebleken" enz.

Dus handhaving van de verbodsbepalingen tegen willekeurige beschikking, maar niet beperking van de diensten zooals die nu, zelfs door de macht van het Gouvernement verzekerd, aan de hoofden worden bewezen. Hierom evenwel, om beperking van die diensten, is het juist te doen.

Op de officieele staten of leggers der residentien worden, voor diensten aan de hoofden te bewijzen, zóó veel plichtigen en zóó veel dagen uitgetrokken. Worden die cijfers verminderd, dan worden de diensten aanstonds beperkt, en dit zou mij de meest voor de hand liggende uitvoering van de gedachte der wet schijnen.

Ik geef dus den Minister in bedenking, of zijne meening niet juister zou worden uitgedrukt, wanneer in de plaats van hetgeen hij heeft voorgesteld, in den considerans, zooveel mogelijk blijvende bij de wending, welke de Minister bij zijne wijziging genomen heeft, gelezen wierd:

„Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat, in verband met eene beperking der diensten, waartoe de inlandsche bevolking jegens hare hoofden gehouden is, de noodzakelijkheid is gebleken," enz.

Desnoods geef ik dit als amendement in overweging.

De minister maakte tegen de wijziging bezwaar.

Ik ben teleurgesteld. Ik meende den Minister een raad te geven in den geest en tot versterking van zijn stelsel; doch de Minister wijst dien af.

De Minister zegt: Ik wil niet anders dan de bestaande verbodsbepalingen tegen willekeurige beschikking handhaven.

Wij zouden dus in den toestand blijven waarin wij zijn.

Ik meende te goeder trouw dat de Minister meer verlangde, meer met zijne wet dacht uit te richten.

Ik dacht dat de Minister in de eerste plaats beperking wilde van de Gouvernementsautorisatie, waardoor tot dusverre de hoofden op Java in het vorderen van diensten waren gedekt. Wierd die autorisatie beperkt, dan kon het toch niet missen of dit moest van grooten invloed zijn op de diensten, in het vervolg door de bevolking aan de hoofden te bewijzen, in het algemeen. Of hangt niet voor een deel het gezag, waarmede de hoofden zich zoo velerlei diensten weten te verschaffen, hiermede samen, dat hun een zeker cijfer van diensten op Gouvernementsgezag geleverd wordt V

De Minister zegt: „ik denk enkel de ongeoorloofde diensten te beperken"; komt men echter daarmede niet juist op hetgeen wij

Sluiten