Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ging op deze afdeeling worden begonnen'? Waarom niet liever op oorlog? Nu werden noodzakelijke spoorwegwerken uitgesteld, en dat was onbillijk en onrechtvaardig.

Ongaarne zou ik den geachten spreker eenige hoop ontnemen; maar ik beloof niets. Hij is niet tegen bezuiniging, maar noodzakelijke uitgaven, zegt hij, moeten geschieden. Hij is voor bezuiniging op de uitgaven voor Oorlog, misschien voor bezuiniging aller uitgaven van dien dienst. De geachte spreker weet zoo goed als iemand, dat al kan hier of daar in dat budget iets worden bezuinigd, daarop oneindig grooter nieuwe uitgaven zullen moeten worden gebracht, waarbij alle kleine bezuinigingen geen naam mogen hebben.

Op het begrip van noodzakelijkheid komt alles aan. De geachte afgevaardigde acht het noodzakelijk en rechtvaardig tevens, dat iedere streek aan eene spoorwegverbinding geholpen wcrde. Ik ben volstrekt niet van die meening. Ik acht het te eenen male verkeerd, aldus den onderlingen naijver, waarmede reeds in 1861 te veel gewoekerd is, op te wekken. Het doel is onmogelijk te bereiken, zoo min in dit als in eenig ander land. In zoover het te bereiken is, zal het moeten bereikt worden door de inspanning van particulieren; maar de verplichting op den Staat te leggen, dat hij, dewijl hij eenige hoofdlijnen gelegd heeft, aan elke streek het bezit van eene zijlijn of correspondentielijn verschafïe, acht ik een onrechtvaardigen eisch.

De geachte afgevaardigde wil juist nu niet bezuinigen. Hij wil een beginsel van hooger uitgaven thans vaststellen, opdat men, wanneer de tijd der belastinghervorming zal gekomen zijn, wete hoe veel meer men noodig heeft en daarnaar de hervorming inrichtte.

Ik ben van eene andere meening, en geloof de financiers aan mijne zijde te hebben, dat men tegen een tijd van krisis, als eene belastinghervorming altoos zal zijn, reden heeft om de uitgaven te matigen, in afwachting van de gelegenheid om later in te halen hetgeen men wellicht voor het oogenblik niet met zooveel ijver, als men wilde, kon voortzetten.

De geachte afgevaardigde gewaagde van eenige commissien, zonder dat ik, en misschien was de Kamer in mijn geval, kon onderscheiden van welke commissie sprake was. Ik doelde op die welke mij onlangs bezocht, die een vroeger plan weder in het leven wilde roepen, daarbij voegende dat, indien zij den moreelen steun van de Regeering ondervond, in goedkeuring harer ontwerpen en toezegging van concessie, zij de zekerheid meende te hebben geld voor de uitvoering te kunnen erlangen. De geachte afgevaardigde wil ook moreelen steun, maar toch meer of min in den geest van uirtus post nummos; op geld komt het aan.

Artikel 79. Verbetering der rivieren Kijn en Lek.

De heeren van Lijnden van Sandenburg en Stieltjes ondernamen

eene technische discussie over de verbetering van de Lek.

Sluiten