Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JNa herlezing van het Verslag, dat de geachte spreker inriep,

, "ft U1 bedeSln» of er weï eenige grond voor zijne kritiek oveiblijft, wanneer hij zich met bepaalt bij hetgeen hij uit den aanvang van het \ ers ag voorlas, maar ook het laatste gedeelte daarvan m de lezing gelieft op te neuien.

vJt ,m?rïteu,reedS ,gi®teren °P' (,at het eerste gedeelte van liet erslag betrekking heeft tot de maand Januari, doch hetgeen

waai van sprake is 111 de Memorie van Antwoord tot Februari. Wat /.egt nu het Verslag ten opzichte van deze laatste maand?

„De nieuwe Merwede heeft in den afgeloopen winter eene belangrijke taak vervuld. Terwijl in die gansche rivier den lOden

;7a" ,vro®8en morgen het ijs reeds was opgebroken,

geschiedde dit m de Beneden-Merwede eerst den 20sten dier maand; en deze omstandigheid is te werkwaardiger omdat er uit blijkt, dat door de Nieuwe Merwede niet alleen het ijs van de Maas en de Waal, maar ook dat van den Boven-Rijn is afgevoerd. Het ijs van den Boven-Rijn toch was, ten gevolge van het langen tijd gesloten ih]ven van het Pannerdensche Kanaal en de ijsverstopping in den

d 11 am ' eeiist, »' ^ Waal gevoerd, en heeft dus later

denzelfden weg gevolgd als het ijs van deze laatste rivier, dat is dien door de Nieuwe Merwede."

Dan volgt in het Verslag:

„De Waal en de Maas waren den 19den Februari van ijs bevrijd. „Evenwel had de ïjsopruiming van de Nieuwe Merwede no«r guns iger kunnen zijn zonder de doorbraak, die in den nacht van den 1 sten op den ..den Januari, bij eenen waterstand van 2.20 M. boven A.fin de bekading langs den rechteroever tusschen dé JN oorder- en Jjaiigedamdiepen is gevallen."

Ik meen, dat daarmede liet misverstand, waarin de geachte spreker, zoo het mij voorkomt uit bezorgdheid, is vervallen, wordt opgeheven. '

Eemge vragen, die gisteren niet aan de beurt van beantwoording kwamen.

De heer Heemskerk is voor eene krachtige voortzetting der

y,"'e,, insge,i;iks; e°- voc?t h» da"b»'

Daarmede is de ondervinding van den tegenwoordigen Minister en zjjne ambtsvoorgangers niet in overeenstemming.

Een eerste vereischte van krachtige voortzetting is bedijking. Maar aan de dijken wordt niet geraakt, of men vreest verhoog; zelfs geene kisting, of er rijst aanstonds luide klacht ° °

Zoo als gisteren reeds door den heer van 's Gravesande en heden opnieuw door den lieer van Nispen is aangetoond: zonder waterviye bedijking is de bestemming der nieuwe rivier niet te bereiken. Wil men die bedijking niet, dan zijn de tonnen gouds, daaraan besteed weggeworpen, en dan is het veel beter het werk te staken

besteden ' ^ "°g k°Sten Z0U' aan iets anders te

Sluiten