Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

evenwel, uit dat systeem, van hetgeen met die vorige orde van werken vereenigbaar schijnt. Ik meen daaraan althans te mogen toeschrijven de inlassching van hetgeen ik lees in de 2de alinea van dat artikel, waar staat: „Dit verslag bevat het eigen oordeel der commissie omtrent de verschillende punten bij het voorloopig verslag, de antwoorden der Regeering en het bij het 2de lid van art. 32a bedoelde verslag behandeld, mitsgaders de ontwerpen der wijzigingen van het voorstel welke zij raadzaam acht." Ik vraag, of door deze inlassching in het stelsel, dat men nu aanneemt, niet eene disharmonie zal worden gebracht? Ik stel de Regeering geen partij in deze zaak. Integendeel, in zooverre de Regeering bij deze bepaling belang kan hebben, moet zij het behoud er van wenschen. Het eigen oordeel der commissie te kennen over het onderwerp, over de punten die in het verslag voorkomen, kan alleen strekken tot meerdere toelichting. Maar kan het aannemelijk schijnen in het stelsel, dat ten grond ligt bij deze wijzigingen ? Ik geloof het niet. De commissie zal een eigen oordcel te kennen geven; dit zal worden opgeteekend in dat stuk; dat oordeel wordt vervolgens hier in de Kaïner behandeld; daarover wordt gediscuteerd; het behoort een element van discussie in de Kamer te worden, en er is niemand die optreedt om dat oordeel toe te lichten, te verklaren ot te verdedigen! Ligt daarin niet eene anomalie, die in het stelsel niet wel aannemelijk is? Het is een los daarheen geworpen oordeel, dat aangevallen wordt, maar dat in de Kamer niet op de wijze, waarop het in het verslag neergesteld is, zal kunnen worden gestaafd of ontwikkeld. Men zegge toch niet, dat een van hen, die leden waren der commissie, kan opstaan om dat te doen. Hij kan individueel zijne wijze van zien verklaren, maar voor hetgeen als het oordeel der commissie is neergesteld, zal in de Kamer niemand kunnen optreden. Ik onderwerp deze bedenking aan het oordeel der Kamer.

ue commissie van redactie had gemeend, uit de beide stelsels te moeten behouden en vereenigen wat bruikbaar scheen; tot de bestanddeelen van dien aard, die zij meende uit het stelsel der zelfstandige rapporteurs te kunnen overbrengen in het nieuwe systeem, behoorde ook de uitdrukking in het verslag der rapporteurs van hun eigen oordeel, niet met het doel om dat later bij de openbare beraadslaging te verdedigen, inaar alleen om (le Kamer voor te lichten.

Ik heb op hetgeen het geachte lid der Commissie heeft in het midden gebracht, niets anders te antwoorden, dan dit: ik ben zóó zeer van zijn gevoelen, dat het oordeel der commissie van rapporteurs nuttig kan zijn, niet alleen, gelijk hij heeft gelieven te zeggen, voor de Kamer, maar ook voor de Regeering, dat ik zou wenschen, dat men dit oordeel kon doen gelden in de Knmer zelve. Maar, als men dit oordeel niet kan doen gelden in de Kamer zelve, zal men dan niet zeer huiverig zijn een oordeel uit te spreken, dat gedrukt wordt,

•21*

Sluiten