Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich als dichter geopenbaard in eenige verhalende gedichten, die in romantische „akeligheden" niet onder deden voor die van zijn Engelschen meester. Ook vertaalde hij verschillende verzen van Byron , maar weldra was hij zijn „zwarten tijd" te boven, waarmee hij later soms den spot dreef. Plotseling trad hij nu op als dichter van eenige schalksche, guitige liedekens, als De Aalsmeerder Boer, De Conducteur, Maartje van Schalkwek en Het Boertje van Heemstede (A.), die zich bij de vroolijke liedjes van Breeroo aansluiten, en zeer in den smaak vielen. In later uitgegeven bundels vinden we er ook nog enkele, die als het guitig-ondeugende Breistertje (D.) en andere visschersliedjes, uitingen zijn van denzelfden geest; maar over 't algemeen draagt zijn overige poëzie een geheel ander karakter. In 1840 tot het predikambt geroepen te Heemstede, en ook later te Utrecht (1854) wijdde hij zich geheel aan zijn herderlijke werkzaamheden. Slechts bij wijze van verpoozing hield hij zich met letterkundige studiën bezig, waarvan hij de vruchten in zijn Yerpoozingen en Verscheidenheden op letterkundig gebied neerlegde; zijn eigenlijke werkzaamheid bestond in het stichten en opbouwen der gemeente. Zijne poëzie draagt hier duidelijk de sporen van: de meeste zijner gedichten zijn uitingen van een predikant, wiens vooropgezet doel is, ook in verzen zijn gemeente te stichten; daardoor zijn zij meerendeels te dogmatisch, niet spontaan en innig genoeg en te weinig algemeen menschelijk. Slechts enkele gelegenheidsgedichten en eenige verzen van zijn „huiseljjke poëzie," als het roerende Wanneer de kinderen groot z\jn (B ) of het schalksche Vaders Vedeldeuntje bjj de wieg, toonen ons een zuiver menscheltyk gevoel. In zijn natuurbeschouwingen, b.v. Najaarsmijmering (C.) treedt de persoon van den dichter sterk op den voorgrond, en nemen bespiegeling en redeneering vaak de plaats in van bewondering en objectieve beschrijving.

Hoe hoog Beets als mensch en als auteur van de Camera ook moge staan, als dichter verheft hij zich maar zelden boven het middelmatige.

Sluiten