Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ach, hebt thans ontferming en blijf hier boven den toren,

Maak toch niet uw kind tot een wees en uw Trouwe tot weduw ! Daarop zei haar de groote, de helmboswuivende Hektor:

— Vrouwe, dit alles bekommert mij ook: maar toch de verachting Ducht ik te zeer van de Trojers en vrouwen met slependen kleedzoom, Zoo ik mij laag van den strijd onthoud en verwijder van 't slagveld. Niet zoo spreekt ook mijn hart, want 'k leerde een eedle te wezen, Altijd onder de voorsten te strijden aan 't hoofd van de Trojers, 's Vaders glanzenden roem handhavend zoowel als den mijnen.

Want dit zie ik gewis in mijn geest en gemoedsovertuiging,

Eens zal komen de dag, dat hot heilige Ilios neerstort.

§ 4. Marcellus Kmants (gcb. 1848).

Marcellus Emants, geboren te Voorburg, studeerde aanvankelijk te Leiden in de rechten, maar liet deze studie varen om zich geheel en al aan de letterkunde te kunnen wijden. Met recht kan hij als de voorlooper der nieuwe school worden beschouwd: nergens vinden we in onze letterkunde van vóór 80 die groote objectiviteit, dat nuchtere en pijnlijk nauwkeurige realisme, waardoor zijn prozawerken zich kenmerken, noch ook een pogen als het zijne, om „de poëzie boven het tijdelijk wereldgebeuren uit te stellen in de sfeer van eeuwigheid en goddelijkheid waarin een nieuw geslacht haar wenschte." Toch is hij niet de leider geworden der jongeren; daarvoor sprak hij niet onmiddellijk genoeg tot hun gevoel, hoe groole epische en dramatische , dus verbeeldings-kraclit hij ook mag bezitten.

Van zijn gedichten is 't meest bekend

Godenschemering,

waarin hii ons verplaatst naar den Noorschen godenhemel, waar Loki, „de incarnatie van het nuchter Verstand" den eeuwigdurenden strijd voert tegen de Asen (goden). In het slottafreel is Loki wel tijdelijk overwonnen, maar weldra zal hij den strijd met nieuwe listen en lagen voortzetten.

Zijn prozawerken bestaan voor een deel in verhalen van zijn

Sluiten