Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

groote belang, dat wij nu behandelen, ik zal den geacliten spreker voor zijn geduld dankbaar zijn.

De geachte spreker is teruggekomen op dat stelsel — kribben —, dal hij reeds voorleden jaar bestreed. De geachte spreker heeft gezegd, dat men met kribben veel in de vorige eeuw heeft gewerkt, en daardoor den stroom, de vaarwaters van onze rivieren bedorven. Maar de geachte spreker heeft over het hoofd gezien, hetgeen hij zelf opmerkte. Men kribde voorheen ook, maar hoe? Ieder naar zijn eigen belang en inzicht. Thans echter geschiedt het naar een algemeen plan, en derhalve, zoo dat kribben te voren nadeelig was, nu kan het voordeelig wezen. De geachte spreker heeft inzonderheid aangehouden op de nadeelen, daaruit te voorzien, dat men nu nevens de oude Merwede eene nieuwe Merwede ging maken; vooral vreest hij, dat men meer ijsstoppingen zal hebben. Ik hoorde dikwijls van zaakkundigen, dat de localiteit in den regel niet beslist, of daar of op eene andere plaats ijsstopping zal plaats vinden; maar hetgeen men in het aangenomen stelsel wenscht te doen, hetgeen men meent met gevolg te doen, is de stroomkracht te vermeerderen, en ook daardoor ijsstoppingen, zooveel het mogelijk is, tegen te gaan.

De geachte spreker zegt, wanneer men door de kribben op eene plaats de nadeelige gronden, zandplaten bijv. doet verschuiven, welke waarborg is er, dat zij zich niet zullen nederzetten op eene plaats, nog nadeeliger voor de stroomkracht of voor de vaart? Ik heb het erkend; wanneer men begint te werken, kan men daarvoor niet instaan, maar wanneer men de werken vervolgt, zal allengs gelukken wat men beoogt. Men legt eene krib aan tot zekere lengte, men gaat de werking daarvan na; men verlengt de krib in het volgende jaar, men voegt er eene tweede bij, en zoo zal men langzamerhand de waterbaan door de wèl bestuurde stroomkracht vrij zien maken.

Ten aanzien van hetgeen de geachte spreker gezegd heeft over het hout van den spoorweg zal ik slechts aanstippen, hetgeen mij ook voorgekomen is eene vergissing te zijn. De geachte spreker heeft gezegd: de dwarsbalken zijn het rustbed voor de strekhouten. Zoo ik wel heb gezien, is dit hier het geval niet. Bij andere spoorwegen, in Belgie, ook in ons land is het anders; maar aan den Hollandschen spoorweg, zoo ik mij niet zeer bedrieg, dienen de dwarsleggers voor de evenwijdigheid der strekhouten. Ik ten minste herinner mij niet gezien te hebben dat de strekhouten op de dwarsbalken rusten, ofschoon zij, gelegen tusschen de strekhouten, het geheele raam moeten versterken.

Er is, en dit zal mijne laatste opmerking zijn, Mijne Heeren, een gevaar verbonden, hetgeen de geachte spreker, dunkt mij, niet volkomen heeft ingezien, aan die soort van betoog, welke hij, èn ten aanzien van de spoorwegen èn ten aanzien van de waterwerken, heeft

Sluiten