Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaan, naar zijne meening geldig was, zoo zij met die wet streed. Het vorig Gouvernement heeft zoodanige verbindtenis aangegaan.

Ik herinner vooraf, dat de wet van Germinal of 8 Ajiril 1802 uit drie deelen bestaat; het eerste is het concordaat van 1801; het tweede zijn de articles organiques de la convention dn 26 Messidor an IX, en het derde gedeelte zijn de articles organiques des cultes j>rotcstans.

Vooreerst het condordaat, het eerste gedeelte der wet. Was het concordaat van 1801 hier te lande van kracht?

Bij hetgeen door den geachten spreker uit Roermond (den heer Strens) reeds is opgemerkt, voeg ik deze, zoo mij toeschijnt, beslissende overweging. Het concordaat van 1801 is door Napoleon met den Paus gesloten voor Frankrijk, zooals Frankrijk toen bestond. \\ as Napoleon bij machte dat concordaat in Nederland in te voeren? Neen, hij kon het niet, zonder toestemming van den Paus, over het Roomsch-katholieke kerkgenootschap buiten Frankrijk uitbreiden. Zoowel vorm als inhoud verzetten zich daartegen. De decreten van 22 Juni en 8 November 1810 waren dus met betrekking tot het concordaat nietig.

Het tweede gedeelte van de wet, de articles de la ditc convention, had hier te lande nooit kracht.

In de eerste plaats toch was de bepaling van het decreet van 18 Octoreb 1810 in art. 20G: „L'organisation du clergé catholique et du clerga protestant, actuellement existante, est maintenue in stand gehouden door de bijvoeging in het decreet van 6 Januari 1811, waarop de Memorie van Toelichting zich beroept: „sans préjudice des modifications particulières qui ont été nu seront par Nous apportées pour ces mêmes départemens."

In de tweede plaats dienden de articles organiques tot uitvoering van het concordaat. Zij stonden of vielen dus met die overeenkomst.

In de derde plaats is er strijd tusschen het geheele systeem van die organieke artikelen en het systeem onzer Grondwet. Men heeft gezegd: er kan eene wet bestaan in strijd niet de Grondwet. Ja, Mijne Heeren, wanneer de Grondwet zegt, dat het eene of het andere zal mekten worden geregeld door eene wet, dan zal de wet, die strijdig is met het beginsel van de Grondwet, maar nog niet vervangen door die welke de Grondwet gebiedt, voorloopig in stand blijven. Maar wanneer de. Grondwet zelve haar afschaft (en zij zal daartoe toch wel bij machte wezen zonder de tusschenkomst eener wet te vereischen) dan houdt de wet op te bestaan. Te betoogen nu, dat dit hier plaats vindt, is, gelocf ik, overbodig: want wat is het stelsel der organieke artikelen? Het is het stelsel van regeling der Kerk door de Staatsmacht, het stelsel van publieke handhaving van de vrijheden en rechten der Gallicaansche Kerk, het stelsel om aan de burgerij van Frankrijk ,,la jouissance des kiens spirituels" zelfs tegen de geestelijkheid te verzekeren.

Eindelijk, moeten er, zoo die artikelen bij ons werkten, feiten of spo-

Sluiten