Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die circulaire heeft nij wederom blijken gegeven van het uitnemend talent, hetgeen wij zoo dikwijls in de gelegenheid waren in hem te onderscheiden, van het talent: 0111 te geven maar tevens te nemen. Hij wil aan die circulaire wel eenigen maar toch niet veel invloed toegekend hebben. Niet dien invloed, dat ten gevolge van die circulaire het oprichten van bijzondere scholen van de eerste klasse zou zijn vermenigvuldigd. Die vermenigvuldiging, zegt de spreker, is meer het gevolg geweest van de algemeen opgewekte verontwaardiging tegen den weerstand, welken die oprichting tot daartoe had ondervonden. Mijne Heeren, ik verlang voor de: handelingen van het vorig Gouvernement geene andere getuigenis, dan dat het medegegaan is op den weg, dien het gezond verstand van het volk aanwees en vei langde. Ik geloof overigens, zonder de verdiensten van dien maatregel te overdrijven, wel te kunnen beweren, dat juist hetgeen de spieker voorgelezen heeft uit die circulaire eene waarschuwing was vooi de Gedeputeerde Staten en voor de gemeentebesturen, die niel zonder gevolg is gebleven. Wanneer het Gouvernement verklaart, dat hunne beslissing wel eens niet de laatste zou kunnen zijn. wannneer het vei klaart, dat de Minister zou kunnen meenen de beslissing te moeten onderwerpen aan de hoogere beslissing van den Koning, dan, dunkt mij, ligt daarin een middel om zoodanige besturen te doen zien, dat zij niet behooren toe te geven aan willekeur; dan ligt daarin het middel om hen te doen gevoelen, welke de gezindheid is van het Gouvernement; en dan konden zij zich het lot van eene willekeurige beslissing gemakkelijk voorspellen.

Ik kom tot het besluit van den geachten spreker. Mijnheer de Voorzitter. ik ben steeds geweest tegen eene dergelijke verzending aan den Minister als nu wordt voorgesteld, eene verzending zonder vraag. Wil men er eene vraag bijvoegen, ik zal de verzending ondersteunen. Verzending alleen, zonder meer, verplicht tot niets. Mijns inziens — en ik hoop niet. dat iemand mij dit zal euvel duiden — is eene verzending zonder meer, deze Kamer niet waardig. Maar wil men er een verzoek bijvoegen aan den Minister van Binnenlandsche Zaken, dat de Minister gelieve te onderzoeken, of hij het met zijne inzichten van de bestaande verordeningen kan overeenbrengen, zoodanige beslissing te onderwerpen aan de hoogere beslissing van den Koning, tot eene dergelijke verzending zal ik gaarne medewerken.

Ik geloof dat de Minister bij onderzoek der bestaande verordeningen zou kunnen vinden, dat zoodanige beslissing in het hoogste beroep, al was zij tot dusverre buiten gebruik, evenwel niet onmogelijk is. Ik wil echter niet vooruitloopen op de meening van den Minister; doch zooveel is zeker dat onder het vorig Gouvernement, hetgeen ook in deze zaak met zachtheid maar met een zeer vasten wil te werk ging, geen eert geval van dien aard, door de weigering van een gemeentebestuur of van

Sluiten