Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mijnheer de \oorzitter heeft mij het woord gegeven en nu wil ik daarvan gebruik maken 0111 te zeggen dat ik, wat het eene punt betreft, waarop bij de eerste alinea aanmerking is gevallen, mij vereenig niet het besluit van den geachten spreker uit Almelo (den heer de Man). Ik zou ook wenschen, dat de keuze van den Koning geheel vrij bleef. Het komt mij in eene wet als deze ongepast voor te bepalen, dat de Gouverneur-Generaal eene voordracht moet doen. Het schijnt mij natuurlijk dat de Minister eene voordracht vrage aan den Gouverneur-Generaal. Ik geloof zefs, dat de Minister niet. licht eene voordracht zal doen aan den Koning, zonder voorafgaand advies van den Gouverneur-Generaal. Maar dit voorschrift in de wet beschouw ik enkel als een van de sporen dei* verwarring, die op meer punten aanwezig is. van eene vroegere instructie, aan den Gouverneur-Generaal gegeven, met hetgeen eene wet als deze moet behelzen.

Wat het andere punt betreft, het treden in overleg met den Raad; mij schijnt het verderfelijk te zijn wanneer een college invloed uitoefent op zijne eigene aanvulling. Ik zou menig verkeerd gevolg daarvan kunnen aanwijzen. Indien juist is hetgeen de Minister heeft gezegd, dat die bepaling tot dusverre goed heeft gewerkt, dan hadden wij ons sedert jaren te verheugen in een uitnemend bekwaam personeel van dat college in Indie. Het is mij intusschen niet zeldzaam voorgekomen, dat men daar waar het er op aankwam van die bekwaamheid veel te vorderen, zich met zijn eisch in verlegenheid vond. Het gebeurt zoo licht, dat in een college, vooral zoo weinig talrijk als dit, bestaande uit vier leden,, bij het adviseeren over personen ter aanvulling, een ander beginsel werkt dan hetgeen het Hoofd van den Staat of den Minister moet besturen. Ik zou daarom geilooven, dat in geen geval die bepaling in de wet behoort te worden opgenomen, eni dat zelfs de GouverneurGeneraal, wanneer het aan hem overgelaten was, den Raad van Indie niet zou behooren te raadplegen over de voordracht door henn te doen. Mijns inziens zal de eerste alinea, van dit artikel beter worden gemist, en kan eene goede, onafhankelijke, zelfstandige voordracht, waarvoor hij, die haar doet, verantwoordelijk zij, langs een anderen weg worden bereikt.

21 Juli. Artikel 24. Het eerste lid werd gelezen: „De GouverneurGeneraal kan om gewigtige reden onder nadere bekrachtiging door de wet of goedkeuring van den Koning de afkondiging of uitvoering uitstellen van wetten of Koninklijke besluiten."

Ik heb eene vraag. Mijnheer de Voorzitter, ten aanzien van het 1ste lid van art. 24. Ik wensch te vernemen, welk onderscheid er bestaat tusschen „afkondiging" en „uitvoering", in den zin namelijk, waarin die twee woorden hier in liet 1ste lid worden verbonden. Die vraag scheen mij gemakkelijk te beantwoorden, toen wij in de vroegere redac-

Sluiten