Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eene mislukte proef schijnt; bij deze inrichting zonder vaste waarborgen, en welke de openbaarheid, die alleen de vrijheid van drukpers schenken kan, niet eerbiedigt, in eenen toestand, waarin niets ma,g worden openbaar gemaakt dan met verlof van het Gouvernement, niets, noch gedrukt, noch geschreven. Noch geschreven, want wij hebben het besluit van 13 Januari 18E»t, dat eene rechtmatige zorg voor de archieven der Regeering verwart met maatregelen, waardoor het licht, dat uit de kennis liarer .stukken en handelingen moet opgaan, wordt belemmerd. Indien de regeering dus alle openbaarheid belet, ik vraag, waar blijft dan het laatste middel van terechtwijzing voor ons, van terechtwijzing voor den Minister, van terechtwijzing voor bet bestuur van Indie? Wij komen dan tot eene Regeering, die, al wenschte zij méér, inderdaad niets méér zal kennen dan de officiëele waarheid.

En zal men zijn doel treffen? Neen. Hetgeen ondanks alle maatregelen, die men zou kunnen nemen, toch doordringt, het kwade vermioeden, dat juist bij onderdrukte openbaarheid welig woekert, zal dubbel schadelijk werken.

Art. 113 schijnt mij, ondanks al wat ik in de gewisselde stukken las, een teruggang achter 'hetgeen bestaat. Men heeft geantwoord, Mijnheer de Voorzitter, dat, ja, bet regeeringsreglement tot dusver geene bepaling over beperking der drukpers bevatte; maar dat de Gouverneur-generaal alles kon doen. Dat is de vraag niet, Mijnheer de Voorzitter, maar welke de toestand tot dusver was, welke vrijheid men genoot. Vergeleken met het gebruik dat men tot dusverre in Indie gemeend beeft van zijne macht te mogen en te moeten maken, is dit artikel een teruggang, daar de wetgevng, die hieruit zal voortkomen, oneindig meer zal belemmeren dan de sedert lang gevestigde gewoonte.

Ik weet, Mijnbeer de Voorzitter, dat men ons waarschuwt, dat men ons zegt: „de orde kan met vrijheid der drukpers niet worden bewaard, gij kent die maatschappij niet," Ik heb één antwoord. In 1826 kwam het bekende, beroemde werk uit van den generaal-majoor Malcolm. The political Histonj o/ India, Men vindt,in het tweede deel een zeer uitgewerkt betoog, een voorbeeld voor allen, die de invoering van de vrijheid der drukpers in Indie wenschen af te raden, een schoon betoog, ten bewijze dat het onmogelijk is met haar Indie te besturen; dat met haar het Engelsehe rijk moet teil gronde gaan. liet werk van Malcolm verscheen in 1826; zeven of acht jaar later is de vrijheid van drukpers in Britsch Indie ingevoerd, en wij zijn sederl dien tijd twintig jaren ouder geworden. Maar dat het Engelsch bestuur, de Engelsehe heerschappij, hetzij in een zedelijk, hetzij in een materieel opzicht sedert zou zijn verzwakt, ik geloof niet, Mijnheer de Voorzitter, dat iemand de taak zal aanvaarden dat te bewijzen, daar het tegendeel blijkbaar is. Het Indische rijk is sedert dien tijd, ondanks de zoo ge-

Sluiten