Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vroegeren cliënt hevig verbitterd en in de armen van Bismarck gedreven.

Het jonge koninkrijk Italië, dat met de overweldiging van Rome zijn uitwendige eenheid had voltooid (deel II pag. 502), bleef bij voortduring met groote moeilijkheden bezet; het was er nog verre vandaan, dat de verscheidenheid der vroegere jaren reeds tot een inwendige eenheid was vergroeid, ellendige toestanden in verschillende deelen van het rijk schreeuwden om hervorming en verbetering, en ondanks zeer zware en drukkende belastingen bracht jaar op jaar angstwekkende tekorten, terwijl de groote schuldenlast gestadig en snel was aangegroeid. Het couflict met den Pauselijken Stoel, die de waarborgen wet (deel II p. 503) had verworpen en tegen het geweld, dat hem was aangedaan, nadrukkelijk verzet bleef aanteekenen, verhoogde nog de bezwaren voor de regeering, daar het ook op de buitenlandsche verhoudingen inwerkte.

Tot 1876 behield in het Italiaansche parlement de rechterzijde de meerderheid en uit haar kwamen de kabinetten Lanza (1869—73) en Minghetti (1873—76) voort, die er ernstig naar streefden om het evenwicht tusschen inkomsten en uitgaven te bereiken en het vraagstuk der verhouding met den Paus tot eene oplossing te brengen. In Januari 1872 stelde de minister van financiën, Sella, het parlement den troosteloozen toestand der financiën voor oogen, om met des te meer klem zijn programma van bezuinigingen op de staatshuishouding te rechtvaardigen, een programma, waaraan hij zelf niet alleen maar ook het volgend ministerie getrouw bleef en waarmee het beoogde doel in hoofdzaak werkelijk werd bereikt. Deze uitkomst was te meer verblijdend, omdat onderwijl toch zeer aanzienlijke uitgaven werden gedaan voor de verbetering en uitbreiding der levende en doode weermiddelen, teneinde die op den voet te brengen, die sinds den FranschDuitschen oorlog noodzakelijk geacht werd voor wie onder de groote mogendheden wilden meetellen. En dit was ongetwijfeld de wensch der regeering, niet het minst van koning Yictor Emmanuel zelf, die in zijn eerste troonrede na de bezetting van Rome als leuze had aangegeven, Italië groot en gelukkig te maken. De grootheid ging voorop, en daartoe werd een sterk, naar Duitsch model georganiseerd leger als een eerste vereischte beschouwd. De legerwet van 7 Juni 1875 had ten doel dien eisch te bevredigen: de algemeene dienstplicht werd

! Italië sinds 1870. De rechtsehe ministeries.

Sluiten