Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tabaksmonopolie maar ook over de baten, die het Rijk uiteen verhoogd toltarief zou kunnen trekken. Zou het mogelijk zijn die nieuwe wegen, waarop hij in den loop van 1877 steeds meer beslist zijne keuze vestigde, in te slaan met de nationaal-liberalen? De rijkskanselier beproefde het, doch bij de besprekingen met hun leider, von Bennigsen, dien hij in het ministerie wilde opnemen, bleek dat niet alleen aangaande Bismarck's plannen geen voldoende overeenstemming was te verkrijgen, maar dat de nationaal-liberalen van deze gelegenheid ook gebruik dachten te maken om hem een partijministerie op te dringen en aldus hun ideaal van eene parlementaire regeering te bereiken. Daarvan wilde Bismarck niets en keizer Wilhelm zoo mogelijk nog minder weten: de onderhandeling liep te niet en het was duidelijk dat aan het samengaan van de regeering met de nationaal-liberalen een einde zou komen. Wilde Bismarck zijne nieuwe plannen verwezenlijken, dan moest hij elders steun zoeken, bij de conservatieven, en daar deze bij lange na niet sterk genoeg waren, bovendien bij het centrum; maar dan ook was het een onafwijsbare noodzakelijkheid dat aan den Kulturkampf een einde kwam. Zoo greep het een in het ander. Twee gebeurtenissen van het jaar 1878 gaven aan de zich voorbereidende verandering een sneller verloop.

De taaie, onbuigbare strijder Pius IX overleed; het was gemakkelijker voor de Duitsche regeering, stappen tot verzoening te doen, nu de Stoel van Petrus door een ander was ingenomen, door Leo XIII, een fijn diplomaat die, althans in den vorm, buigzamer was dan zijn voorganger. Wel duurde het nog geruimen tijd, eer de spoedig aangeknoopte onderhandelingen vruchten droegen, maar de scherpe verhouding, die bestaan had, verdween toch, en ouder de leiding van Windthorst gaf het centrum weldra zijn steun aan de oeconomische politiek van den kanselier, die trouwens in vele opzichten met hunne wenschen strookte. De minister van eeredienst Talk, de man van de Meiwetten, trad in den zomer van 1879 af, en tusschen 1881 en 1886 werd stuk voor stuk grootendeels weer afgebroken wat in en ten behoeve van den Kulturkampf was opgebouwd.

Yan onmiddellijke uitwerking waren de aanslagen op het leven van keizer Wilhelm, die in het zelfde jaar 1878, in Mei en Juni, werden ( gepleegd en waarvoor Bismarck de sociaal-democratische partij aansprakelijk stelde. De geheel mislukte aanslag in Mei leidde tot het indienen van een streng wetsontwerp tegen de sociaal-democraten, dat

2

Toenadering

tot den Pauselflken Stoel.

Bestrijding der sociaallemocratische partij.

-uy ucu

nieuwen koers geen samenwerking met ie nationaalliberalen mogelyk.

Sluiten