Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tijdens Napoleon III, zich vastgezet in Cochin-China en Kambodscha en ook in zijne oude bezittingen op Afrika's westkust vernieuwde werkzaamheid ontwikkeld? Doch de harde slagen, die deze oude mededinger in 1870—1871 ontving, schenen hem voor langen tijd buiten gevecht te zullen stellen. En wat behoefde het zich te bekommeren om de andere groote mogendheden, die geen koloniën bezaten en, wat van nog meer belang was, ook geen scheepsmacht, die in eenige Bezorgdheid vergelijking kon komen met de Britsche. Als er maar niet die Russi^OTtdringen sc'ie kolossus geweest was! Doch deze, met zijn gestadig voortgaande in Azië. uitbreiding over Azië, had John Buil in de 19e eeuw reeds herhaaldelijk zijn goed humeur bedorven. Eerst was het de bezorgdheid geweest over Perzië, dat geheel onder Russische heerschappij of althans in Russische afhankelijkheid dreigde te geraken, totdat bij het verdrag van 1834 Rusland en Engeland waren overeengekomen Perzië als zelfstandigen staat te handhaven. Maar dan was de bekommering gebleven over de uitbreiding der Russen ten zuiden van de Irtisch, over Turkestan, allengs naar den kant van Indië opschuivende. Van buitengewoon gewicht iu het oog der Engelschen werd deswege het Afghaansche land, van waar immers in vroegere eeuwen de veroveraars Indië waren binnengedrongen. De bloedige gebeurtenissen van 1839—1842 hadden ten slotte toch dit gevolg gehad, dat de emir Dost Mohammed, die door Engelands toedoen het bewind te Kaboel weer in handen gekregen had, vriendschappelijke betrekkingen met de Britsch-Indische regeering onderhield en in 1855 een verdrag met haar sloot van eeuwigen vrede en vriendschap. Ook met zijn zoon en opvolger, Sher Ali, duurde die verhouding voort. Maar onderwijl hadden de Russen de Kirgizen onderworpen, in 1852 kregen zij vasten voet in het sultanaat van Khokan; dertien jaar later werden Tasclikend en Khodsjend bemachtigd, in 1868 veroverde generaal Kaufmann het belangrijke Samarkand en dwong hij den khan van Bokhara het oppergezag van den Czar te erkennen. En thans werd alles voorbereid voor een beslissenden aanval op Khiwa; viel ook dit in de macht der Russen, dan zouden zij de noordgrenzen van Afghanistan bereiken.

Grensverdrag Met bezorgdheid zag de Britsche regeering dit oogenblik naderen, Afghanistan. en ^et was ongetwijfeld een verdienste van het kabinet-Gladstone, in het bizonder van Granville, dat in 1872 van Rusland langs diplomatieken weg eene overeenkomst werd verkregen, die de noordgrens van Afghanistan bepaalde. Niet alleen was zoodoende eene grensregeling

Sluiten