Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wales, onder de wevers in Lancashire, onder de arbeiders in de dokken te Liverpool. In 1872 had de waarde van de uitgevoerde Britsche voortbrengselen bedragen 256.25 millioen pond sterling, in 1873 255.16, in 1874 239.55, in 1875 223.46, in 1876 200.63, in 1877 198.89, in 1878 192.84, in 1879 191.53 millioen. En nog slechter dan nijverheid en handel verging het den landbouw; een toenemende daling in de graanprijzen, die vooral van 1875 af merkbaar werd, berokkende hem geweldige schade en leidde er toe, dat heel wat bouwland in weideland werd omgezet; de pachters werkten met groot verlies en zegden hunne pachten op, de groote grondeigenaren konden op de oude voorwaarden, soms ook bij verlaging hunner eischen, geen pachters meer vinden en gaven er nu dikwijls de voorkeur aan om bouwgronden tot weiden te maken, waardoor weliswaar de jaarlijksche opbrengst zeer aanzienlijk werd verminderd maar de kosten en risico in nog sterkere mate. Dit proces, dat sinds 1873 snel in omvang toenam, was mede een belangrijke factor in de ontvolking van het platteland, want het maakte tal van werkkrachten overbodig, terwijl hiertoe ook al de toepassing van machinalen arbeid in het landbouwbedrijf had meegewerkt.

Die slechte tijden hingen samen met een periode van algemeene malaise in Europa en Amerika en waren gedeeltelijk het uitvloeisel van voorbijgaande omstandigheden, deels echter hadden zij blijvende oorzaken, zooals men meer en meer erkennen zou, toen ook in volgende jaren, bij verbeterde verhoudingen, toch de voorspoed van het gezegende vroegere tijdvak niet ten volle wilde terugkeeren. Aan het ministerie, met welks optreden het begin van den sterken achteruitgang toevallig juist samenviel, konden zij weliswaar kwalijk worden geweten, doch niettemin zocht de gedrukte stemming der menigte toch al licht ook schuld bij de regeering, die immers te zorgen had dat alles goed ging. En eindelijk kreeg deze ook nog de uitwerking te gevoelen, die in het bizonder de slechte tijden voor den landbouw op de Iersche verhoudingen hadden.

De Iersche De Iersche wetgeving van het ministerie-Gladstone had haar doel heden6'Home van bevrediging niet bereikt, en onder het voortduren der oude grieven Euie League, werd de nationale beweging, die zelfbestuur voor Ierland opeischte, gedurig krachtiger. Al in 1870 hadden velen zich aaneengesloten in de Home Government Association, die echter spoedig herdoopt werd in de Home Eule League en tot leider had Isaac Butt, advocaat en lid

Sluiten