Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werd niet erkend, allerminst door Menelik II, die Schoa, het zuidelijk gedeelte, beheerschte. Het was de begeerte van den khedive Ismaïl om ook van Abessynië meester te worden, doch de pogingen die hij daartoe van 1875 tot 1877 aanwendde, leden geheel schipbreuk; zoowel door den negus Johannes m het Noorden als door Menelik in het Zuiden werden zijne troepen deerlijk geslagen. Deze tegenspoed deed ook geen goed aan het ontzag voor den Khedive in Soedan, waar bovendien Gordon's forsch optreden tegen den slavenhandel bij de belanghebbenden misnoegen wekte. Zijne krachtige hand wist echter een tamelijk ordelijk bestuur te vestigen en te handhaven; maar toen de khedive Ismaïl in 1879 werd afgezet, nam Gordon zijn ontslag en keerde naar Engeland terug Neerlaag'der geraakte nu Soedan in verwarring: de Egyptische ambte-

Egyptische Ilareii plunderden zooveel zij konden en de gisting onder de bevolking troejjen^ondBr nam toe, terzelfdertijd dat een krachtige godsdienstige opleving van den Islam in Afrika zich deed gevoelen. Aldus was het terrein uiterst gunstig voor het optreden van een Mahdi, toen in Augustus 1881 Mohammed Ahmed, die sinds een tiental jaren een kluizenaarsleven ad geleid op een eilandje in den Nijl en groote vereering genoot, zich tot verdediger van het geloof verklaarde en alle moslims te wapen riep om de wereld te bekeeren. Scharen van krijgers stroomden hem toe zich snel vergrootende, toen hij op het eind van 1881 en in de eerste helft van 1882 den Egyptischen pacha's neerlaag op neerlaag toebracht; nog voelde hij zich niet sterk genoeg om Khartoem aan te tasten, maar hij veroverde El-Obeid in Kordofan en maakte dit voorshands tot de hoofdstad van zijn rijk. Hoewel de Egyptische regeering noch voldoende geldmiddelen noch een behoorlijke krijgsmacht had om de heerschappij over Soedan tegen den Mahdi te handhaven, kon zij toch niet besluiten die op te geven; zij droeg Hicks, een Engelsch officier in Egyptischen dienst, het opperbevel in Soedan op en beval hem, tegen het advies harer Engelsche raadgevers, van Khartoem tegen den Mahdi in Kordofan op te rukken. Het Engelsche ministerie had besloten geenerlei verantwoordelijkheid voor de Soedansche aangelegenheden op zich te nemen, en sprak zich in het geheel niet uit, noch voor noch tegen den opmarsch van Hicks, eene onthouding, die door hare rechtmatige vrees om in onafzienbare moeilijkheden verwikkeld te worden wel verklaarbaar is maar het beoogde doel geenszins bereikte. Misschien ware het beter geweest, dat zij al haar invloed te Cairo had aangewend om de onderneming te verhinderen; doch het is gemakkelijker na de uit-

Sluiten