Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weinig ingevoerd; in 1880 haalden zij er voor bijna twintig millioen dollars, maar brachten zij er slechts voor ruim één millioen; tien jaar later evenwel was het laatste cijfer al tot drie millioen gestegen, terwijl het eerste tot ruim zestien millioen verminderd was. En dan was er, met te vergeten, de staag groeiende Duitsche concurrentie, die zich nog bovendien op het gebied van de scheepvaart duchtig deed gelden; weliswaar behielden de Engelschen nog in hoofdzaak de groote vaarti de verbinding met de Europeesche havens, maar de kustvaart in China kwam meer en meer in Duitsche handen, voorzoover althans de Japanners er zich niet van meester maakten.

Vna°^'hTan Heel. de handelsbeweging, waarvan hier sprake is, was een zeehandel, langs de "ie Z1C" afspeelde in de bij verdrag geopende havens. Het was echter EngeiandTen °°k . m0Seliik l«>d verbinding te krijgen met de Chineesche proFrankrijk

vincies, en in 1875 hadden de Engelschen hiertoe eene poging gedaan;

Achter-Indie. m dat jaar hadden zij eene onderneming uitgerust, die beproeven moest een handelsweg te openen tusschen het Noordoosten van Birma en de Zuidwestelijke Chineesche provincies; de vijandigheid der bevolking was echter zoo groot gebleken, dat de expeditie al heel spoedig onverrichter zake moest terugkeeren, nadat de tolk Margary was vermoord. Geheel zonder gevolg bleef evenwel de onderneming niet. De Chineesche regeering, die paspoorten had verleend, werd van Engelsche zijde voor het gebeurde aansprakelijk gesteld en om voldoening aangesproken; na lange onderhandelingen kwam het verdrag van Tsjefoe tot stand (September 1876), waarbij niet alleen een geldelijke schadevergoeding voor den moord werd vastgesteld, maar de Chineesche regeering tevens weer een viertal havens binnenslands openstelde voor den handel, aan Engeland het recht toekende ambtenaren te vestigen te Tsjoen-King aan de Boven-Yang-tse en beloofde, vaste vertegenwoordigers van het Hemelsche rijk bij de Europeesche regeeringen te benoemen. In de volgende jaren werd in die Zuidwestelijke streken de toestand dan aanmerkelijk gewijzigd door het opdringen der Fransche macht in Achter-Tndië: nadat hare wapenen de Chineesche regeering hadden gedwongen te berusten in !rankrijks protectoraat over Annam, hadden, zooals vroeger is verhaald (deel III 159), de Engelschen Opper-Birma ingelijfd en zoowel de 1 ransche als de Britsche macht stonden nu onmiddellijk aan de poorten van Zuidwest China. Bij het verdrag van 1887 tusschen Frankrijk en China, tot regeling der handelsbetrekkingen, werden de steden Loengtsjow in Kwangsi en Meugtzoe in Yoennan voor den

Sluiten