Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hun binnen korten tijd, gedurende den Boerenoorlog, uitmuntend te stade kwam.

Spanje moest dan alleen den strijd voeren. Van den aanvang af was de uitslag te voorzien, de krachten waren al te ongelijk: hoe zou het Spaansche njk, met zijne ellendige financiën, zijn zwakke, verwaaroosde zeemacht, zijn oproerige kolonies den oorlog kunnen volhouden tegen den machtigen Amerikaanschen staat? Want machtig waren de Vereen,gde Staten in vergelijking met Spanje, niet zoozeer door de militaire toerusting als door de hulpmiddelen, waarover zij te beschikken hadden. Xa hunne vloot vele jaren te hebben verwaarloosd, hadden zij er in den laatsten tijd veel zorg aan besteed, en al was hun jonge marine nog niet zoo krachtig als men het verwachten kon van een zoo groote mogendheid, zij ging de Spaansche toch verre te boven. Het leger was uiterst zwak, slechts 27.000 man. Dat zou bedenkelijk genoeg geweest zijn, als men te doen had gehad met een slagvaardigen vijand in de nabijheid, in staat om onmiddellijk tot den aanval over te gaan; nu sproot er geen gevaar uit voort, hoogstens wat vertraging in de ondernemingen en weldra, toen het leger aanzienlijk uitgebreid werd, veel gebrekkigs in de administratie, die voor een taak, zooals zij toen te vervullen kreeg, niet was berekend, opgeruimd was, behoefde men ook in dat opzicht niet voor zijn tegenstander onder te doen.

Jeger werd °P ruim zestigduizend man gebracht, daarenboven eene oproeping gedaan voor 125.000 vrijwilligers, want aan menschenmatenaal was geen gebrek, zoo min als aan geld. Bovendien hadden de Vereenigde Staten liet groote voordeel, dat het hoofdtooneel van den oorlog,

tuba, in de onmiddellijke nabijheid was en dat zij er bondgenooten \ onden in de Cubanen. Zulk een hulp, die hun echter op den duur meer moeite en offers in bloed en geld zou kosten dan de oorlog tegen Spanje, vonden zij ook in een ander gebied, waar zij den vijand aantastten, op de Philippijnen. Hier waren onder de Spaansche ambtenaren dezelfde misbruiken in zwang als op Cuba, maar de verhoudingen waren Phillpp(Jnen hier toch anders. De eilanden waren, afgezien van de teruggedrongen Aegritos, bewoond door Maleische volken, onder wie de Tagalen de voornaamste waren; er was wel eenige vermenging met Spaansch of Lhineesch bloed, maar van overwegende beteekenis was die toch niet,

en evenmin als met een ingeboren blanke bevolking had men hier met een negerelement te rekenen. Daarentegen waren de toestanden in een

Sluiten