Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zeer spoedig een 400 man ter bescherming der gezantschappen aan.

Dat gaf geruststelling, want men bevroedde nog niet, dat de regeering het eens was met de Boksers. Doch tusschen 4 en 7 Juni werd de lijn Peking-Tientsiu op verschillende plaatsen aangevallen en opgebroken,

zoodat de verbinding met Peking zeer bezwaarlijk werd; de gezanten begonnen den ernst van den toestand te begrijpen en telegrafeerden om meer troepen naar Takoe, waar in de laatste dagen een aanzienlijke internationale scheepsmacht bij den mond van de Peiho was samengekomen. Dientengevolge brak den 10en Juni een gemengd legertje van ruim 2000 man, onder bevel van den Engelschen admiraal Seymour, Tocht van op, om per spoor naar Peking te komen. Dat stuitte echter op groote Seymour' bezwaren. De Boksers trachtten den weg te versperren, en toen Seymour,

onder herhaalde gevechten, bij Auping, ongeveer 40 K.M. van Peking, was gekomen, vond hij den spoorweg zóó onbruikbaar gemaakt, dat hij niet verder kon. Hij besloot nu terug te trekken naar Yangtsoen,

om daar zijne troepen te concentreeren en te beproeven langs de Peiho naar Peking op te rukken; doch hij vond groote massa's vijanden tegenover zich, was slecht van proviand voorzien, en had voor zijne gewonden te zorgen, zoodat hij den opmarsch niet kon ondernemen en den 19en Juni den terugtocht begon naar Tientsin. Onder voortdurend vechten kwam hij den 22en bij het Sjikoe-arsenaal, aan de Peiho een eind boven Tientsin gelegen; het werd stormenderhand genomen en onmiddellijk zoo goed mogelijk ter verdediging ingericht, want hij werd hier terstond zelf aangevallen. Terwijl Seymour n.1. op weg was geweest naar Peking, wa3 de toestand in zijn rug geheel veranderd en hij van Tientsin en van de verbinding met de vloot afgesneden. Eenige dagen na zijn vertrek had men van de schepen opgemerkt, dat de bezetting der Takoeforten ijverig doende was, de vaart op de Peiho te versperren: dit kon geen andere bedoeling hebben dan het verbreken der verbinding van de scheepsmacht met Tientsin en met het expeditiecorps van Seymour. Om dit opzet te verijdelen, besloten de vlootvoogden de overgave der forten te eischen; den 16eo stuurden zij een ultimatum: den 17en, uiterlijk om 2 uur 's ochtends, moesten de forten ontruimd zijn. De Chineezen weigerden en openden reeds vóór den afloop van het ultimatum het vuur. Nu werden de forten van de rivier- en van de landzijde aangevallen en, na dappere verdediging door de bezetting, alle genomen in den loop van den dag. Het trof gelukkig,

dat juist in dezen tijd een kleine 2000 man Russen onder generaal

30

Sluiten