Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geweest is bewijst Graf Ernst zu Reventlow, die nog in 1913 in zijn werk „Deutschlands auswartige Politik" neerschreef: „Ob es wirkliclt nur ein Irrtum gewesen ist, ob es sich nicht aucli uin japanisclie Fahrzeuge gehandelt hat, mag dahin gestellt bleiben."

Tijdens den val van Port-Arthur was Rodjestwensky nog niet verder Oponthoud gevorderd dan Madagaskar en gedurende zijn oponthoud daar verklaarde ,, ,bl' ,

" Mad.iraskar.

ile JNederlandsch-lndische regeering (van Heutsz), door Japan gewaarschuwd, dat wellicht het oorlogstooneel tot in den archipel moest worden uitgebreid, dat zij geenerlei kolen voorziening der Russische oorlogsbodems aan haar kusten zou dulden en mede in verband daarmee weigerde de Hamburg-Amerika-Lijn, waarmee de kolenvoorziening der vloot was geaccordeerd, haar kolenbooten Madagaskar te doen verlaten.

Netelige en afmattende onderhandelingen volgden tot in Maart 1905, ook tusschen Rusland en het Duitsche rijk, waarvan het eind was, dat Rodjestwensky nog tot op de hoogte van het Fransche Annain geholpen zou worden. Ten onrechte heeft men deze Odussea van Rodjestwensky bespottelijk gemaakt. Waren de hem belemmerende omstandigheden anders uitgevallen, het zou de vraag zijn geweest, hoe de oorlog afgeloopen was, zelfs na de overwinningen, die de Japanners middelerwijl al weer in Mantsjoerije hadden weten te behalen.

Daar was na de gevechten van October 1901 — voor 't eerst in De slagen bü den modernen oorlog — een positieperiode van I maanden begonnen,^asj^-Ten gedurende welke de beide legers tegenover elkaar in de loopgraven lagen 24 Febr.— aan weerskanten van de Sja-ho. Verandering bracht pas het bericht, dat 0 Maart>Port-Arthur zich overgegeven had. Koeropatkine begreep, dat hij nu ook met het leger van Nogi te doen zou krijgen en dat hij voor dien tijd moest trachten Oyama te verslaan. Maar ook nu weer (25—28 Januari)

was zijn offensief mat; resultaat werd dan ook niet bereikt. Ongeveer een maand later (24 Februari) begonnen de aanvallen der Japanners:

na een krachtigen aanval in het uiterste oosten begon Nogi een omtrekkende beweging in het westen en ten slotte brak een algemeen offensief los ook in bet front. Den 7Jel1 Maart moest de Russische rechtervleugel terug op de Hoen-ho, vlak ten zuiden van Moekden en op dienzelfden dag kwam het alarmeerende bericht, dat Japansche cavalleristen erin geslaagd waren een gedeelte van den spoorweg ten noorden van Moekden op te breken. Dat was nu nog wel niet onherstelbaar, maar bracht Koeropatkine toch in ontsteltenis. Den 9den Maart gaf hij bevel tot den terugtocht op Tie-ling en een geslaagde door-

Sluiten