Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich op het standpunt stellen, dat men wel is waar den oorlog moest trachten te localiseeren, m.a.w. Rusland probeeren tegen te houden, doch dat aangezien Oostenrijk eenmaal zijn ultimatum gesteld had en het dus niet meer terug kon, de Duitsche regeering achter haar bondgenoot moest gaan staan, en dus t. o. v. Servië de zaken haren loop laten. Dit plan was misdadig door zijn gevaarlijkheid en daarvan was men zich, althans wat Rusland en Frankrijk aanging, volkomen bewust. Doch de bedoeling een Europeeschen oorlog te forceeren had men niet. Rusland hoopte men — waar het met zijn militaire voorbereiding niet gereed was — nog te kunnen „einschüchtern" als in 1909. En Oostenrijk moest, wat het dan ook gedaan heeft, de verklaring afleggen, dat het slechts de tuchtiging van Servië, niet zijn onderwerping bedoelde: Servisch gebied zou het niet annexeeren. Dit was wenschelijk zoowel omdat Duitschland slechts op die manier hoop had de Entente een rad voor de oogen te kunnen draaien, alsook omdat de Hongaarsche ministerpresident Tisza allerminst gebrand was op nog meer Slavische onderdanen voor de monarchie. Een in Europeesch opzicht diplomatieke, geen militaire triumf begeerde men dus, al zou Servië er niet zonder kleerscheuren zijn afgekomen. Servië moest weer tot de beteekenis van voor den Balkanoorlog worden teruggebracht, daarmee moest het voortbestaan der Donaumonarchie zoo goed mogelijk worden gewaarborgd, opnieuw moest de onaantastbaarheid der vastelandspositie van den Driebond worden bewezen. Zoo hoopte men zich lucht te kunnen geven. De vraag echter waar alles op aankwam was: of men bij machte was de hartstochten te bezweren, die alom bij de uitvoering van dit uiterst gevaarlijke programma zouden verrijzen. Welnu, zoowel de bekende studie van Karl Kautsky „Hoe de oorlog ontstond" als het niet minder meesterlijke en zeer gematigde boekje van Yon Eggeling, Duitsch militair attaché te St. Petersburg „Die Russische Mobilmachung und der Kriegsausbruch" bewijzen, ofschoon beide schrijvers natuurlijk hun doel eenigszins voorbij schieten, hoe weldra aan weerskanten de leiders hun hoofd ten eenenmale kwijt waren. In Oostenrijk behield Graaf Berchtold zich het recht voor om, zoo hij al zelf geen Servisch gebied hebben wilde, het koninkrijk te laten plunderen door Boelgaren, Albaneezen, eventueel Roemenen. Ook over „grensverbeteringen met militaire bedoelingen" of afzetting der dynastie Karageorgewitsj werd gedacht. Toen Servië 25 Juli zijn nederig antwoord op het Oosteurijksche ultimatum inzond, waarin het beloofde de nationale vereeniging „Narodna Odbrana",

Sluiten