Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Pali vermengd, nieuwe talen, bv. het Singhaleesch op Ceilon voortbrachten, terwijl in later tijd (sedert het begin van de 11de eeuw) door het veroverend optreden van de Arabische Grhasnaviden (en Ghoriden) en twee a drie eeuwen later door de overheersching der Mongolen, die zelf het Perzisch-Arabisch hadden aangenomen, het Arisch zelf in Indië zoozeer met Semietisch werd vermengd, dat daaruit nieuwe, half Arische half Semietische talen, als Hindi en Hindoestani, konden voortkomen.

In Europa levert van zulk eene taalvermenging het Engelsch een merkwaardig voorbeeld, dat ons leert, waarin zulk eene taalvermenging wezenlijk bestaat.

Sedert Willem de Veroveraar in 10G6 voor zijne Fransch sprekende Xormandiërs de heerschappij over de Angelsaksische bevolking van Engeland verwierf, is daar door de langzame vermenging der, nog lang naast elkaar bestaande, Fransche en Angelsaksische talen in de 13de eeuw eene derde taal, het Engelsch, ontstaan, waarvan de woordenschat voor twee vijfden Fransch en voor drie vijfden Angelsaksisch is. Toch stelle men zich niet voor, dat die twee elementen, waaruit het Engelsch is samengesteld, zoo gemakkelijk van elkaar zouden te scheiden wezen en dat men dan als het ware weer eigenlijk Fransch en Angelsaksisch vóór zich zou hebben, want de Angelsaksische woorden in het Engelsch zou nu geen Angelsaks van den ouden tijd meer verstaan, evenmin als een Franschman de meeste Fransche woorden kan begrijpen, die in het Engelsch zijn opgenomen: daartoe hebben van weerskanten de beide talen te veel op elkaar ingewerkt. De afstammelingen der Xortnandiërs hebben, bij de poging om de Angelsaksische woorden te gebruiken, daaraan klank en vorm gegeven, die hun het gebruik gemakkelijker maakten, en aan den anderen kant hebben ook de Angelsaksen het Fransch pasklaar gemaakt voor hun mond, zooals zij ook wel moesten doen, omdat zij niet in staat waren, het timbre der Fransche stemmen in de hunne te brengen en omdat hun temperament anders was, zoodat ook hun woord- en zin-accent wel anders moest zijn. Opmerkelijk is het, hoe zelfs de minst veranderde Fransche woorden en vooral ook de later nog, zoowel in 't Fransch als in 't Engelsch, opgenomen Latijnsche woorden in het Engelsch voor den Franschman te eenemale onverstaanbaar geworden zijn, doordat de klemtoon er zoo geheel anders op valt dan in het Fransch. Ook de uitspraak Dr. Jas te Winkel, Geschiedenis der Nederlandsche taal, 21

Sluiten