Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

algemeene, maatschappelijke, nationale zedelijkheid; komt deze consciëntie er tegen op wanneer deze mate niet in acht genomen wordt en als deze of gene het openbaar eergevoel schaamteloos kwetst; worden de vraagstukken van het maatschappelijk leven in de christelijke maatschappij steeds meer in hun zedelijk karakter erkend, en heeft de strijd der denkbeelden, niettegenstaande alle afdwalingen, het onmiskenbaar doel 0111 steeds duidelijker de grenslijn tusschen het geoorloofde en het ongeoorloofde te stellen, de natuur van goed en kwaad te bepalen, zoozeer zelfs dat het woord waarheid hoe langer zoo meer in de christenwereld de beteekenis verkrijgt die de bijbel er aan hecht, die van zedelijke waarheid : — zoo zijn deze en vele andere dingen gevolgen en teekenen van de tegenwoordigheid van den Zoon des menschen in zijne gemeente. Ja, de gekruisigde van Golgotha is niet ons; uit de dooden opgestaan is Hij met ons en niet ver van een iegelijk onzer. Eerst hooren wij over Hem spreken, zooals Herodes en Pilatus; dan zien wij Hem van verre, de Hosianna's der menigte treffen ons oor; maar, slaan wij Hem van nabij gade, ach! Hij schijnt nog gevangen en gebonden te zijn, gelasterd en gesmaad door diezelfde menigte, en wij bemerken dat, om Hem te kennen, wij alleen met Hem moeten zijn en Hem zelveu ondervragen. Weldra zijn wij ook alleen met Hem; het beeld van den Man der smarten nadert, nadert tot u, tot u, mijn broeder, tot u, mijne zuster, en de menigte eischt dat gij een oordeel over Hem zult vellen, dat gij Hem zult veroordeelen of vrijspreken ; en gij kunt Hem niet vrijspreken tenzij gij Hem de heerschappij ove'- u toestaat; want Hij noemt zich Koning, uw Koning, en, indien gij Hem niet als zoodanig erkent, veroordeelt gij Hem, levert gij Hem over als l'ilatus, want Hij wil niet naast u plaats nemen ; Hij wil Koning, uw Koning zijn.

Zoo ligt er in den toestand van Pilatus iets noodlottigs, maar niet iets buitengewoons. Wij bev'iiden ons allen in diezelfde onontkoombare noodzakelijkheid, of wij hebben er ons in bevonden, of wij zullen er ons in bevinden, van te moeten beslissen of wij

Sluiten